Hoe zeg je "tanden" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “tanden” is “dientes” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
Tienes que cepillarte los dientes dos veces al día.
Je moet je tanden twee keer per dag poetsen.
El bebé ya tiene sus primeros dientes.
De baby heeft zijn eerste tandjes al.
Necesito ir al dentista para revisar mis dientes.
Ik moet naar de tandarts om mijn gebit te laten controleren.
Mannelijk Meervoud
Hoewel het naar iets verwijst waarvan je er veel hebt, is het woord 'dientes' altijd mannelijk (el diente), dus het gebruikt 'los' (los dientes) en niet 'las'. Dit is anders dan in het Nederlands, waar 'de tanden' geen specifiek geslacht heeft.
Bezitsval
In tegenstelling tot het Engels, vermijdt het Spaans meestal het gebruik van bezittelijke woorden ('mijn', 'jouw') voor lichaamsdelen; in plaats daarvan gebruik je 'el', 'la', 'los', of 'las'. (bv. 'Me lavo los dientes' betekent 'Ik was mijn tanden'). In het Nederlands gebruiken we wel bezittelijke voornaamwoorden ('mijn tanden'), maar in het Spaans is het lidwoord voldoende als het duidelijk is van wie het lichaamsdeel is.
Gebruik van 'Mis'
Fout: “Voy a cepillar mis dientes.”
Correctie: Voy a cepillarme los dientes. Het reflexieve werkwoord geeft al aan dat het jouw tanden zijn, dus het lidwoord 'los' is voldoende.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.