Hoe zeg je "twijfelen" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “twijfelen” is “dudar” — A2 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
Dudo que ella tenga la llave.
Ik twijfel eraan dat zij de sleutel heeft.
No dudo de tu honestidad.
Ik twijfel niet aan uw eerlijkheid.
Muchos dudan de sus intenciones.
Velen twijfelen aan zijn bedoelingen.
De 'Twijfel'-Trigger
Wanneer je zegt 'Dudo que...' (Ik betwijfel dat...), moet het volgende werkwoord van vorm veranderen om onzekerheid aan te geven. Deze speciale vorm wordt vaak de aanvoegende wijs (subjuntivo) genoemd. Dit is anders dan in het Nederlands, waar we na 'Ik betwijfel dat' vaak de gebiedende wijs of de indicatief gebruiken.
Gebruik van 'de'
Als je twijfelt aan een specifiek ding of persoon, gebruik je bijna altijd het kleine verbindingswoordje 'de' (bijv. 'Dudo de su palabra'). Dit is vergelijkbaar met het Nederlandse 'twijfelen aan'.
Positief versus Negatief
Fout: “No dudo que sea verdad.”
Correctie: No dudo que es verdad. Wanneer je ZEKER bent (zeggend 'Ik twijfel niet'), gebruik je de normale werkwoordsvorm (indicatief). Alleen bij daadwerkelijke twijfel gebruik je de 'onzekerheids'-vorm (subjuntivo).
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.