Hoe zeg je "u gaat" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “u gaat” is “va” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.
Dutch → SpaansA1
VerbA1

Voorbeelden
Ella va al mercado todos los días.
Zij gaat elke dag naar de markt.
El tren va a Madrid.
De trein gaat naar Madrid.
Disculpe, ¿usted va a la estación?
Pardon, gaat u naar het station?
Het Werkwoord 'Ir' (Gaan)
'Va' komt van het werkwoord 'ir'. Het is de vervoeging die je gebruikt voor één persoon of ding waar je het over hebt (hij, zij, het) of voor het formele 'u'.
De 'a' voor de bestemming vergeten
Fout: “Fout: Él va el parque.”
Correctie: Correct: Él va al parque. Als je NAAR een plaats gaat, heb je bijna altijd het kleine woordje 'a' nodig na 'va'.
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.