Inklingo

Hoe zeg je "woont" in het Spaans

Het Spaanse woord voorwoontis viveA1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Dutch → SpaansA1

vive

VerbA1
aangeven waar iemand verblijft
Een vriendelijke vrouw kijkt uit een raam van een felgekleurd, eenvoudig sprookjeshuis, wat een woonplaats illustreert.

Voorbeelden

Mi hermana vive en Barcelona.

Mijn zus woont in Barcelona.

Él vive una vida muy interesante.

Hij leeft een heel interessant leven.

La reina vive en el palacio.

De koningin woont in het paleis.

Praten over 'Hij', 'Zij' of 'U' (formeel)

De '-e' uitgang op 'vive' vertelt je dat de actie wordt uitgevoerd door 'él' (hij), 'ella' (zij), of 'usted' (het formele 'u'). Het is de standaardvorm om over één andere persoon te praten.

'Wonen' versus 'In leven zijn'

Fout:Het gebruik van 'está vivo' als je 'woont' bedoelt.

Correctie: Gebruik 'vive en...' voor waar iemand woont ('Mi tío vive en Perú'). Gebruik 'está vivo/a' om te benadrukken dat iemand leeft ('¡El paciente está vivo!'). Hoewel 'vive' ook 'leeft' kan betekenen, is het in die zin minder gebruikelijk en minder nadrukkelijk.

Gerelateerde vertalingen

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.