estarán
“estarán” betekent “zij zullen zijn” in het Spaans. Het heeft 2 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:
zij zullen zijn, u (meervoud formeel) zult zijn
Ook: ze zullen zijn
📝 In Actie
Para Navidad, todos los invitados estarán en la sala principal.
A2Met Kerstmis zullen alle gasten in de hoofdwoonkamer zijn.
Si trabajamos toda la noche, mañana por la mañana estaremos muy cansados, pero ellos estarán listos.
B1Als we de hele nacht werken, zullen we morgenochtend erg moe zijn, maar zij zullen klaar zijn.
Los niños estarán con sus abuelos hasta el domingo.
A2De kinderen zullen tot zondag bij hun grootouders zijn.
zij moeten zijn, zij zijn waarschijnlijk
Ook: ik vraag me af of zij zijn
📝 In Actie
No han llegado al concierto. Estarán todavía atascados en el tráfico.
B1Ze zijn nog niet bij het concert aangekomen. Ze zitten waarschijnlijk nog vast in het verkeer.
¿Dónde están Juan y María? Estarán de compras en el centro.
B2Waar zijn Juan en Maria? Ze zijn waarschijnlijk aan het winkelen in het centrum.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: estarán
Vraag 1 van 2
Welke zin gebruikt 'estarán' om een gok over de HUIDIGE situatie uit te drukken, in plaats van een toekomstige gebeurtenis?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Het infinitief *estar* komt rechtstreeks van het Latijnse werkwoord *stāre*, wat 'staan' of 'zich bevinden' betekent. In de loop van de tijd evolueerde het in het Spaans om tijdelijke toestanden en locaties te omvatten, in tegenstelling tot *ser*, dat afkomstig is van een ander Latijns werkwoord, *esse* ('zijn').
Eerste vermelding: Old Spanish (c. 10th-12th century)
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wat is het onderwerp van 'estarán'?
'Estarán' verwijst altijd naar een meervoudig onderwerp in de derde persoon. Dit betekent dat het wordt gebruikt voor 'ellos' (zij, mannelijk/gemengd), 'ellas' (zij, vrouwelijk), of 'ustedes' (u, meervoud/formeel).
Hoe weet ik of 'estarán' 'zullen zijn' of 'moeten zijn' betekent?
Kijk naar de context! Als de zin een toekomstig tijdswijzend woord bevat (zoals 'volgende week' of 'morgen'), betekent het 'zullen zijn' (toekomst). Als er geen tijdswoord is en de spreker duidelijk gokt over het heden, betekent het 'moeten zijn' (gissing).

