menuda
“menuda” betekent “klein” in het Spaans. Het heeft 3 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:
klein, tenger
Ook: delicaat
📝 In Actie
Ella es una mujer muy menuda, parece que flota al caminar.
A2Zij is een zeer tenger gebouwde vrouw; het lijkt alsof ze zweeft als ze loopt.
Necesitas herramientas menudas para arreglar ese reloj.
B1Je hebt klein gereedschap nodig om dat horloge te repareren.
nogal een, een flinke
Ook: grote
📝 In Actie
¡Menuda faena me has dejado para mañana!
B2Wat een klus heb je voor me achtergelaten voor morgen! (Impliceert dat het een grote, moeilijke klus is.)
Menuda suerte tuvimos de encontrar ese billete.
C1We hadden nogal geluk dat we dat kaartje vonden.
orgaanvlees, slachtafval

📝 In Actie
Para este plato se necesitan las menudas del cordero.
B2Voor dit gerecht is het orgaanvlees van het lam nodig.
Compramos menudas frescas en el mercado local.
B2We kochten verse slachtafval op de lokale markt.
Vertaal naar het Spaans
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: menuda
Vraag 1 van 2
In welke zin wordt 'menuda' gebruikt om 'klein van stuk' te betekenen?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Het woord komt van het Latijnse *minutus*, wat 'klein' of 'piepklein' betekent, wat ook de oorsprong is van het Nederlandse woord 'minuut' (de kleine tijdseenheid). De kernbetekenis heeft altijd te maken met iets kleins of gedetailleerds.
Eerste vermelding: 13th century
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Is 'menuda' hetzelfde als 'moneda' (munt)?
Nee. Hoewel 'menuda' historisch verwees naar klein geld of losse munten (vanwege de betekenis 'klein'), is het gebruikelijke woord voor een muntstuk 'moneda'. Je zult 'menuda' tegenwoordig zelden horen om geld aan te duiden, behalve misschien in zeer oude of regionale contexten.
Hoe weet ik of 'menuda' 'klein' betekent of 'groot/indrukwekkend'?
Luister naar de toon en kijk naar de interpunctie. Als het met een uitroepteken (¡...!) wordt gebruikt en vóór het zelfstandig naamwoord staat, fungeert het bijna altijd als een versterker, wat 'wat een geweldig/groot/belangrijk' ding betekent. Als het beschrijvend wordt gebruikt na het werkwoord 'ser' (zijn), betekent het meestal 'klein' of 'tenger'.


