Hoe zeg je "bankier" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “bankier” is “banquero” — gebruik 'banquero' als je iemand bedoelt die eigenaar is van of leiding geeft aan een financiële instelling, zoals een bankdirecteur of eigenaar..
banquero
/bahn-KEH-roh//baŋˈkeɾo/

Voorbeelden
Mi tío es banquero y trabaja en la ciudad.
Mijn oom is bankier (eigenaar/directeur) en werkt in de stad.
El banquero aprobó el préstamo para la nueva casa.
De bankier keurde de lening voor het nieuwe huis goed.
Muchos banqueros se reunieron para discutir la crisis económica.
Veel bankiers kwamen bijeen om de economische crisis te bespreken.
Geslacht van Beroepen
Dit woord eindigt op 'o' voor een mannelijke bankier. Als de persoon vrouwelijk is, verander je de uitgang naar 'a' om 'la banquera' te krijgen.
Het 'Persoonlijke a' Gebruik
Wanneer een 'banquero' de persoon is die een actie ontvangt in je zin, voeg dan 'a' voor hem toe. Bijvoorbeeld: 'Llamé al banquero' (Ik belde de bankier).
Persoon versus Plaats
Fout: “Voy al banquero para cobrar mi cheque.”
Correctie: Voy al banco para cobrar mi cheque.
Teller versus Bankier
Fout: “Hablé con el banquero en la ventanilla.”
Correctie: Hablé con el cajero en la ventanilla.
bancario
/bahn-KAH-ryoh//baŋˈkaɾjo/

Voorbeelden
Mi tío es bancario.
Mijn oom is bankmedewerker.
Los bancarios están en huelga hoy.
De bankmedewerkers staken vandaag.
Geslachtswijziging voor personen
Als je het hebt over een vrouw die bij een bank werkt, verander het dan naar 'la bancaria'.
Bancario vs Banquero
Fout: “El banquero me ayudó con mi depósito.”
Correctie: El bancario (of empleado) me ayudó. Gebruik 'banquero' voor eigenaren of leidinggevenden, en 'bancario' voor het algemene beroep of personeel.
Banquero vs. Bancario
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.

