Inklingo

Hoe zeg je "koor" in het Spaans

Het Spaanse woord voorkooris coroA1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Dutch → SpaansA1

coro

nounA1
zingende groep
Een groep van vijf diverse mensen staand op verhogingen, uniform gekleed, zingend met geopende monden, wat een koor voorstelt.

Voorbeelden

El coro de niños cantó en la misa de Navidad.

Het kinderkoor zong tijdens de kerstmis.

El director del coro nos pidió que practicáramos más fuerte.

De koordirigent vroeg ons harder te oefenen.

Geslacht Herinnering

Hoewel dit woord naar een groep mensen verwijst, is het een mannelijk zelfstandig naamwoord ('el coro'). In het Nederlands is 'koor' onzijdig ('het koor'), wat een verschil is om op te merken.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.