Inklingo

Hoe zeg je "loop" in het Spaans

Dutch → Spaans

camino

/ka-MEE-no//kaˈmino/

zelfstandig naamwoordA1neutraal
Gebruik 'camino' als je het hebt over een fysieke weg of pad waar je overheen loopt.
Een enkel, licht kronkelend zandpad dat door een levendig groene weide loopt onder een helderblauwe hemel.

Voorbeelden

El camino a la playa es muy bonito.

De weg naar het strand is erg mooi.

Sigue este camino de tierra para llegar al río.

Volg dit zandpad om bij de rivier te komen.

Estamos a medio camino de nuestro destino.

We zijn halverwege onze bestemming.

Altijd Mannelijk: 'El Camino'

In het Spaans is alles ofwel 'mannelijk' of 'vrouwelijk'. Camino is mannelijk, dus je gebruikt altijd el (de) of un (een) ervoor. Bijvoorbeeld, el camino largo (de lange weg).

marcha

MAR-chah/ˈmartʃa/

zelfstandig naamwoordA1neutraal
Gebruik 'marcha' om de handeling of het tempo van lopen aan te duiden, vaak in de context van een groep die zich verplaatst.
Een eenvoudige illustratie van een persoon die stevig langs een zonnig pad loopt, wat de handeling van lopen aangeeft.

Voorbeelden

La marcha del ejército era lenta y coordinada.

De loop/het tempo van het leger was langzaam en gecoördineerd.

Después de un largo día, regresamos a casa en marcha rápida.

Na een lange dag keerden we in een snel tempo terug naar huis.

Geslachtstip

Onthoud dat 'marcha' altijd vrouwelijk is, ook al eindigt het op een 'a'. Gebruik 'la marcha'.

curso

KOOR-soh/ˈkuɾso/

zelfstandig naamwoordB1neutraal
Gebruik 'curso' wanneer je de richting of de natuurlijke stroom van iets bedoelt, zoals een rivier.
Een serene illustratie van een kronkelende blauwe rivier die gestaag door een groene vallei met kleine, glooiende heuvels stroomt, wat de continue beweging van water weergeeft.

Voorbeelden

El curso del río se desvió por la sequía.

De loop van de rivier werd omgeleid door de droogte.

Hay que dejar que los acontecimientos sigan su curso natural.

We moeten de gebeurtenissen hun natuurlijke loop laten volgen.

carrera

/kah-RREH-rrah//kaˈreɾa/

zelfstandig naamwoordA2 / B2neutraal / informeel
Gebruik 'carrera' voor een wedstrijd (zoals een race) of, in een specifieke context, voor een 'ladder' in kousen.
Drie gestileerde hardlopers die intens sprinten op een rode baan naar een duidelijk gemarkeerde finishlijn, wat een snelheidscompetitie illustreert.

Voorbeelden

Mi hermano ganó la carrera de 100 metros.

Mijn broer won de 100 meter race.

La carrera de Fórmula 1 fue muy emocionante.

De Formule 1-race was erg spannend.

Vamos a echar una carrera hasta la esquina.

Laten we een race doen naar de hoek.

¡Qué mala suerte! Se me hizo una carrera en las medias nuevas.

Wat een pech! Ik heb een ladder in mijn nieuwe kousen.

Het verschil tussen 'camino' en 'carrera'

De meest voorkomende verwarring is tussen 'camino' (weg/pad) en 'carrera' (race). Onthoud dat 'camino' verwijst naar de fysieke route, terwijl 'carrera' een wedstrijd of activiteit met snelheid impliceert. Gebruik 'camino' niet voor een race.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.