Hoe zeg je "luisteren naar" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “luisteren naar” is “escuchar” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
Me gusta escuchar música cuando estudio.
Ik luister graag naar muziek als ik studeer.
¿Escuchas la radio por la mañana?
Luister jij 's ochtends naar de radio?
Por favor, habla más alto, no te escucho bien.
Spreek alsjeblieft luider, ik kan je niet goed horen.
Geen 'to' nodig (vergelijk met Nederlands)
In het Engels zeg je 'listen TO music'. In het Spaans zit de 'naar' al ingebouwd in het werkwoord 'escuchar'. Je zegt dus gewoon 'escuchar música', niet 'escuchar a música'.
Luisteren NAAR een persoon
Wanneer je naar een specifieke persoon luistert, voeg je meestal het woord 'a' toe. Bijvoorbeeld: 'Escucho a la profesora' (Ik luister naar de lerares). Dit is vergelijkbaar met het Nederlandse 'luisteren naar'.
Escuchar versus Oír
Fout: “Het gebruik van 'escuchar' wanneer je 'oír' bedoelt (horen).”
Correctie: 'Escuchar' is een actieve keuze, zoals luisteren naar een liedje. 'Oír' is passief, zoals wanneer je een claxon in de verte hoort. Onthoud: 'escuchar' = bewust luisteren; 'oír' = passief horen.
Andere betekenissen van “escuchar”
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.