Hoe zeg je "nul" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “nul” is “cero” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.
Dutch → SpaansA1
nounA1
Het getal of cijfer 0

Voorbeelden
El resultado de la resta es cero.
De uitkomst van de aftrekking is nul.
Hoy la temperatura bajó a cero grados.
Vandaag daalde de temperatuur tot nul graden.
Mi número de teléfono tiene dos ceros.
Mijn telefoonnummer heeft twee nullen.
Geslacht en Meervoud
Net als de meeste getallen is 'cero' een mannelijk zelfstandig naamwoord ('el cero'). Als je het over meerdere nullen hebt (de cijfers), voeg je een 's' toe: 'dos ceros'.
Gebruik van 'Zero' bij Uitslagen
Fout: “El equipo ganó cero a dos.”
Correctie: El equipo perdió cero a dos. (Of: El equipo perdió por cero a dos.)
Andere betekenissen van “cero”
“cero” kan ook betekenen:
- Wat betreft hoeveelheid of kwaliteit(B1)
- another meaning(A2, neutral/informal)
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.