Hoe zeg je "personen" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “personen” is “personas” — gebruik 'personas' wanneer je het hebt over mensen in het algemeen, een groep individuen, of wanneer je het aantal mensen wilt aangeven..
personas
/per-SOH-nahs//peɾˈso.nas/

Voorbeelden
Hay muchas personas en el parque.
Er zijn veel mensen in het park.
¿Cuántas personas vienen a la fiesta?
Hoeveel mensen komen er naar het feest?
Esas personas son mis amigos de la universidad.
Die mensen zijn mijn vrienden van de universiteit.
Gebruik voor Telbare Personen
Personas is het woord dat je gebruikt als je het aantal mensen kunt tellen. Bijvoorbeeld, 'tres personas' (drie personen) of 'cien personas' (honderd personen).
Altijd Meervoud
Personas verwijst altijd naar meer dan één persoon. Voor slechts één persoon gebruik je de enkelvoudsvorm: persona. Bijvoorbeeld, 'una persona' (één persoon).
Altijd een Vrouwelijk Woord
Het woord personas zelf is altijd vrouwelijk, dus je gebruikt er 'las' of 'unas' bij (bijv. 'las personas'). Dit geldt zelfs als je het over een groep mannen hebt. Dit is anders dan in het Nederlands, waar 'de mensen' geen vast geslacht heeft.
Verwarring tussen 'Personas' en 'Gente'
Fout: “Wanneer je over een specifiek aantal praat: 'En mi familia hay cinco gente.'”
Correctie: Gebruik `personas` voor telbare getallen: 'En mi familia hay cinco personas.' `Gente` wordt gebruikt voor een algemene, niet-telbare groep.
hombres
/OM-bress//ˈom.bɾes/

Voorbeelden
La historia de los hombres está llena de descubrimientos.
De geschiedenis van de mensheid staat vol ontdekkingen.
Todos los hombres nacen libres e iguales.
Alle mensen worden vrij en gelijk geboren.
Personas vs. Hombres
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.

