Inklingo

Hoe zeg je "afwisselen" in het Spaans

Dutch → Spaans

variar

/bah-ree-AHR//baˈɾjaɾ/

verbA2neutraal
Gebruik 'variar' als je wilt zeggen dat je iets moet veranderen of anders moet doen, bijvoorbeeld om variatie aan te brengen in een dieet of routine.
Een kunstenaar schildert een witte vaas met felle blauwe en gele strepen om deze er anders uit te laten zien.

Voorbeelden

Tienes que variar tu dieta para estar sano.

Je moet je dieet variëren om gezond te zijn.

Los precios varían según la temporada.

Prijzen variëren afhankelijk van het seizoen.

Ella decidió variar el diseño original del vestido.

Ze besloot het oorspronkelijke ontwerp van de jurk te veranderen.

De Accentregel

Merk op dat de 'i' een accent krijgt (varío, varía) in veel tegenwoordige tijden. Dit is om ervoor te zorgen dat je de 'i' duidelijk uitspreekt in plaats van deze te laten versmelten met de volgende klinker. Dit is vergelijkbaar met hoe we in het Nederlands soms een klemtoon leggen op een klinker om een woord duidelijk uit te spreken, hoewel de Spaanse accenten specifieker zijn voor de uitspraak.

Gebruik van 'de' met Variar

Als je wilt zeggen dat je iets specifieks verandert, zoals je mening of je route, gebruik je vaak het woord 'de' na het werkwoord: 'variar de opinión'. Dit is vergelijkbaar met het Nederlandse 'veranderen van mening'.

Het Accent Vergeten

Fout:Yo vario el plan.

Correctie: Yo varío el plan. Zonder het accent op de 'i' verandert de uitspraak volledig. Dit is een veelvoorkomende fout voor Nederlandstaligen, omdat we in het Nederlands geen accenten gebruiken om de uitspraak van klinkers in dit soort situaties te sturen.

Variar vs. Cambiar

Fout:Quiero variar mis dólares por pesos.

Correctie: Quiero cambiar mis dólares por pesos. Gebruik 'cambiar' voor het uitwisselen van dingen; gebruik 'variar' om iets anders of diverser te maken. Dit onderscheid is belangrijk, net zoals in het Nederlands 'veranderen' en 'wisselen' verschillende betekenissen hebben.

alternar

/ahl-tehr-nahr//alteɾˈnaɾ/

verbB1neutraal
Gebruik 'alternar' als je wilt aangeven dat je afwisselt tussen twee specifieke dingen of activiteiten, waarbij de ene na de andere plaatsvindt.
Een rij appels waarbij de kleuren afwisselen tussen rood en groen.

Voorbeelden

Debes alternar el estudio con periodos de descanso.

Je moet studeren afwisselen met rustperiodes.

Los dos hermanos alternan el cuidado de su abuelo.

De twee broers doen om de beurt de zorg voor hun grootvader.

En el jardín, alternamos flores rojas y blancas.

In de tuin wisselden we rode en witte bloemen af.

Gebruik van 'Alternar' met Objecten

Wanneer je twee dingen afwisselt, kun je ze direct opsommen: 'Alterna el trabajo y el juego' (Wissel werk en spel af).

Verwarring met 'Turnarse'

Fout:Yo alterno con mi hermano para conducir.

Correctie: Me turno con mi hermano para conducir. Gebruik 'alternar' voor de handelingen zelf, maar 'turnarse' (reflexief) als je praat over mensen die elkaar afwisselen.

Verwarring tussen 'variar' en 'alternar'

De meest gemaakte fout is het gebruiken van 'variar' wanneer je eigenlijk het afwisselen tussen twee concrete dingen bedoelt. 'Alternar' benadrukt het opeenvolgen van de ene activiteit na de andere, terwijl 'variar' meer gaat over het aanbrengen van verschil of diversiteit.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.