Hoe zeg je "het vinden" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “het vinden” is “encontrarlo” — gebruik dit wanneer je 'het vinden' vertaalt als het lokaliseren of terugvinden van een specifiek mannelijk zelfstandig naamwoord of een abstract concept dat met 'lo' wordt aangeduid.
encontrarlo
en-kon-TRAR-loenkonˈtɾaɾlo

Voorbeelden
Necesito encontrarlo antes de que sea tarde.
Ik moet het vinden voordat het te laat is.
¿Sabes dónde está mi libro? No puedo encontrarlo.
Weet je waar mijn boek is? Ik kan het niet vinden.
Espero encontrármelo en la fiesta, hace tiempo que no lo veo.
Ik hoop hem tegen te komen op het feest; ik heb hem al lang niet gezien. (Let op: dit gebruikt het reflexieve 'encontrarse'.)
Structuur: Werkwoord + Voornaamwoord
'Encontrarlo' is het basiswerkwoord 'encontrar' (vinden) met het lijdendvoorwerpvoornaamwoord 'lo' (het/hem) eraan vastgeplakt. Dit gebeurt altijd bij gebruik van de infinitief, de gerundium, of de bevestigende gebiedende wijs.
De betekenis van 'Lo'
De 'lo' aan het einde geeft aan dat het gevonden object ofwel een mannelijk enkelvoudig zelfstandig naamwoord is (zoals 'el libro') of een abstract idee of situatie (zoals 'de oplossing').
Het verkeerd plaatsen van het voornaamwoord
Fout: “No lo necesito encontrar. (Onjuiste woordvolgorde)”
Correctie: No necesito encontrarlo. OF No lo necesito encontrar. (Beide zijn correct, maar het vastplakken aan de infinitief is heel gebruikelijk.)
localización
Voorbeelden
La localización del fallo en el motor tomó horas.
Het lokaliseren van de storing in de motor duurde uren.
Verwarring tussen werkwoord en zelfstandig naamwoord
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.
