Hoe zeg je "plek" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “plek” is “lugar” — gebruik dit woord voor een algemene locatie of plaats, vergelijkbaar met 'place' in het Engels..
lugar
/loo-GAR//luˈɡaɾ/

Voorbeelden
Este es un buen lugar para un pícnic.
Dit is een goede plek voor een picknick.
¿Cuál es tu lugar favorito en la ciudad?
Wat is jouw favoriete plek in de stad?
Busco un lugar tranquilo para leer.
Ik zoek een rustige plek om te lezen.
Altijd 'el lugar'
'Lugar' is een mannelijk woord, dus je gebruikt er altijd 'el' of 'un' bij, niet 'la' of 'una'. Bijvoorbeeld: 'el lugar es bonito' (de plek is mooi).
Verwarring tussen 'lugar' en 'sitio'
Fout: “Ze op manieren gebruiken die niet uitwisselbaar zijn.”
Correctie: Voor een algemene 'plek' zijn 'lugar' en 'sitio' vaak synoniemen. Je kunt zeggen 'un buen lugar para comer' of 'un buen sitio para comer'. Beide zijn perfect!
sitio
/SEE-tyoh//ˈsitjo/

Voorbeelden
Este es un buen sitio para un pícnic.
Dit is een goede plek voor een picknick.
Busquemos un sitio con sombra para sentarnos.
Laten we een plek in de schaduw zoeken om te zitten.
El sitio arqueológico está cerrado los lunes.
De archeologische site is op maandag gesloten.
¿Hay sitio para uno más en el coche?
Is er nog plek voor één meer in de auto?
Verwarring met 'lugar'
Fout: “Denken dat 'sitio' en 'lugar' altijd perfect uitwisselbaar zijn.”
Correctie: 'Lugar' is iets algemener of abstracter ('mijn plek in de wereld'), terwijl 'sitio' vaak verwijst naar een concretere, fysieke plek waar je naar kunt wijzen. In veel alledaagse gevallen kun je echter beide gebruiken!
Verwarring met 'Habitación' of 'Kamer'
Fout: “Het gebruik van 'habitación' of 'cuarto' om 'beschikbare ruimte' aan te duiden.”
Correctie: 'Habitación' en 'cuarto' betekenen een fysieke kamer in een huis (zoals een slaapkamer). Gebruik 'sitio' of 'espacio' als u het heeft over of er genoeg ruimte is voor iets of iemand.
espacio
/es-PA-syo//esˈpa.sjo/

Voorbeelden
No hay espacio en el coche para más maletas.
Er is geen ruimte in de auto voor meer koffers.
Necesitamos más espacio para la mesa nueva.
We hebben meer ruimte nodig voor de nieuwe tafel.
Por favor, haz un poco de espacio para que pueda sentarme.
Maak alsjeblieft een beetje ruimte zodat ik kan gaan zitten.
Altijd Mannelijk
Hoewel het eindigt op 'o', is het goed om te onthouden dat 'espacio' altijd mannelijk is. Je zegt dus altijd 'el espacio' (de ruimte) of 'un espacio' (een ruimte). Dit is vergelijkbaar met hoe het Nederlandse 'de ruimte' altijd van hetzelfde geslacht is, maar let op: in het Nederlands gebruiken we vaak 'de' (vrouwelijk/mannelijk) of 'het' (onzijdig), terwijl Spaans strikt mannelijk is met 'el'.
'Ruimte' vs. 'Kamer'
Fout: “Quiero reservar un espacio en el hotel.”
Correctie: Quiero reservar una habitación en el hotel. Gebruik 'habitación' of 'cuarto' voor een kamer in een gebouw zoals een hotel of huis. 'Espacio' verwijst naar algemene, open ruimte of capaciteit. In het Nederlands is 'kamer' (specifiek) en 'ruimte' (algemeen) ook een belangrijk onderscheid.
punto
/poon-toh//ˈpun.to/

Voorbeelden
El punto de encuentro es la estación de tren.
Het ontmoetingspunt is het treinstation.
Desde mi punto de vista, la idea es buena.
Vanuit mijn gezichtspunt is het idee goed.
Llegamos al punto más alto de la montaña.
We bereikten het hoogste punt van de berg.
localización
Voorbeelden
Envíame tu localización por WhatsApp.
Stuur me je locatie via WhatsApp.
asiento
ah-SYEN-toh/aˈsjento/

Voorbeelden
¿Puedes guardar mi asiento por favor? Voy al baño.
Kunt u mijn zitplaats alstublieft vasthouden? Ik ga naar het toilet.
Todos los asientos del autobús estaban ocupados.
Alle zitplaatsen in de bus waren bezet.
Este asiento es muy cómodo, pero está un poco sucio.
Deze stoel is erg comfortabel, maar hij is een beetje vies.
Geslachtcontrole
Aangezien 'asiento' eindigt op -o, is het mannelijk. Gebruik 'el asiento' of 'un asiento'. Dit is vergelijkbaar met veel Nederlandse zelfstandige naamwoorden die eindigen op een klinker, hoewel het geslacht in het Nederlands anders bepaald wordt (de/het).
mancha
MAHN-chah/ˈmanʧa/

Voorbeelden
Necesito quitar esta mancha de vino de la alfombra.
Ik moet deze wijnvlek uit het tapijt krijgen.
Mi camisa blanca tiene una mancha de grasa.
Mijn witte overhemd heeft een vetvlek.
En el mapa se ve una mancha azul que indica el lago.
Op de kaart zie je een blauwe plek die het meer aangeeft.
El sol creó una mancha de luz muy brillante en la pared.
De zon creëerde een zeer heldere lichtplek op de muur.
Geslacht Herinnering
Hoewel 'mancha' eindigt op '-a', onthoud dat Spaanse zelfstandige naamwoorden mannelijk of vrouwelijk zijn. 'Mancha' is altijd vrouwelijk, dus je moet 'la mancha' of 'una mancha' gebruiken. Dit is anders dan in het Nederlands, waar de meeste zelfstandige naamwoorden het lidwoord 'de' hebben, tenzij ze een 'het'-woord zijn.
rincón
Voorbeelden
Viajamos a los rincones más lejanos de la selva.
We reisden naar de meest afgelegen plekken van de jungle.
plaza
/plá-sa/ (or /plá-tha/ in Spain)/ˈplaθa/

Voorbeelden
Hay una plaza disponible en el departamento de ventas.
Er is een functie beschikbaar op de verkoopafdeling.
¿Cuántas plazas hay para el curso de verano?
Hoeveel plaatsen zijn er voor de zomercursus?
Formele Context
Deze betekenis wordt vaak gebruikt in formele vacatures of universitaire aanmeldingen, waardoor het serieuzer of officiëler klinkt dan het gebruik van 'trabajo' of 'puesto'.
Lugar vs. Espacio
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.






