Hoe zeg je "opdelen" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “opdelen” is “repartir” — A2 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
El cartero reparte el correo todas las mañanas.
De postbode bezorgt de post elke ochtend.
Vamos a repartir los dulces entre los niños.
We gaan de snoepjes onder de kinderen verdelen.
Es importante repartir las tareas de la casa equitativamente.
Het is belangrijk om de huishoudelijke taken eerlijk te verdelen.
Wie ontvangt de items?
Gebruik het woord 'entre' (onder) of 'a' (aan) om aan te geven wie iets ontvangt dat je verdeelt. Bijvoorbeeld: 'Reparto volantes a los peatones' (Ik deel flyers uit aan voetgangers).
Samenwerken
Wanneer mensen dingen onderling verdelen, gebruiken we de reflexieve vorm 'repartirse'. Voorbeeld: 'Se repartieron el trabajo' (Ze verdeelden het werk onderling).
Repartir vs. Compartir
Fout: “Het gebruiken van 'repartir' als je 'delen' bedoelt in de zin van een ervaring. In het Nederlands gebruiken we 'delen' voor zowel het verdelen van spullen als het delen van een ervaring. In het Spaans is dit anders.”
Correctie: Gebruik 'repartir' voor het verdelen van fysieke items of taken in stukken. Gebruik 'compartir' voor het delen van een maaltijd, een appartement of een gevoel.
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.