Hoe zeg je "poep" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “poep” is “caca” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
El perro hizo caca en el jardín.
De hond deed poep in de tuin.
¡No toques eso, es caca!
Raak dat niet aan, het is poep!
El niño dice que tiene ganas de hacer caca.
De jongen zegt dat hij moet poepen.
Altijd Vrouwelijk
Ook al eindigt het op 'a', het is makkelijk te onthouden dat het altijd 'la caca' is. Gebruik nooit 'el' met dit woord.
Het 'Doen' Werkwoord
In het Spaans 'neem' je geen poep; je 'maakt' het. Gebruik altijd het werkwoord 'hacer' (doen/maken) gevolgd door 'caca'.
Gebruik van 'Caca' als Werkwoord
Fout: “Yo caca.”
Correctie: Yo hago caca. (In het Spaans is 'caca' alleen het zelfstandig naamwoord; je hebt het werkwoord 'hacer' nodig om de actie te beschrijven.)
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.