Hoe zeg je "samenbestaan" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “samenbestaan” is “convivir” — A2 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
Ellos conviven en un apartamento muy pequeño.
Ze wonen samen in een heel klein appartement.
Es difícil convivir con personas que tienen costumbres diferentes.
Het is moeilijk om samen te leven met mensen die andere gewoonten hebben.
La paz no es solo la ausencia de guerra, sino aprender a convivir.
Vrede is niet alleen de afwezigheid van oorlog, maar het leren om samen te bestaan.
Gebruik altijd 'con'
Net zoals we in het Nederlands 'met' iemand leven, gebruik je in het Spaans bijna altijd het woord 'con' na 'convivir' om de persoon of het ding te benoemen waarmee je een ruimte deelt.
Niet reflexief
Beginners willen vaak 'nos convivimos' zeggen, maar je hebt de 'nos' of 'se' niet nodig. Gebruik gewoon het standaardwerkwoord: 'Convivimos bien'.
Vivir vs. Convivir
Fout: “Vivo con mi hermano.”
Correctie: Convivo con mi hermano.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.