Inklingo

Hoe zeg je "samenwonen" in het Spaans

Dutch → Spaans

convivir

/kon-bee-beer//kombiˈβiɾ/

werkwoordA2neutraal
Gebruik dit werkwoord als je de actie van het samenleven zelf wilt beschrijven, bijvoorbeeld in een specifieke situatie of relatie.
Twee vriendelijke huisgenoten koken samen een maaltijd in een lichte, gezellige keuken.

Voorbeelden

Ellos conviven en un apartamento muy pequeño.

Ze wonen samen in een heel klein appartement.

Es difícil convivir con personas que tienen costumbres diferentes.

Het is moeilijk om samen te leven met mensen die andere gewoonten hebben.

La paz no es solo la ausencia de guerra, sino aprender a convivir.

Vrede is niet alleen de afwezigheid van oorlog, maar het leren om samen te bestaan.

Gebruik altijd 'con'

Net zoals we in het Nederlands 'met' iemand leven, gebruik je in het Spaans bijna altijd het woord 'con' na 'convivir' om de persoon of het ding te benoemen waarmee je een ruimte deelt.

Niet reflexief

Beginners willen vaak 'nos convivimos' zeggen, maar je hebt de 'nos' of 'se' niet nodig. Gebruik gewoon het standaardwerkwoord: 'Convivimos bien'.

Vivir vs. Convivir

Fout:Vivo con mi hermano.

Correctie: Convivo con mi hermano.

convivencia

/kohn-bee-behn-syah//kombiˈβenθja/

zelfstandig naamwoordB1neutraal
Gebruik dit zelfstandig naamwoord om te verwijzen naar het idee, de staat of de kwaliteit van het samenleven, vaak met de nadruk op harmonie of de aard van de relatie.
Een vriendelijke kat en een kleine hond die vredig samen dutten op een kleurrijk kleed.

Voorbeelden

La convivencia con mis compañeros de piso es muy tranquila.

Samenwonen met mijn huisgenoten is erg rustig.

El colegio tiene normas para mejorar la convivencia entre los alumnos.

De school heeft regels om de omgang tussen de leerlingen te verbeteren.

Promover la convivencia pacífica es el objetivo del tratado.

Het bevorderen van vreedzame co-existentie is het doel van het verdrag.

Altijd Vrouwelijk

Dit woord eindigt altijd op 'a' en gebruikt vrouwelijke lidwoorden: 'la convivencia' of 'una convivencia'.

Gebruikt als Zelfstandig Naamwoord

Het Nederlands gebruikt vaak de uitdrukking 'samenleven' als een werkwoordelijke constructie, maar het Spaans gebruikt 'convivencia' als één zelfstandig naamwoord om die hele situatie te beschrijven.

Gebruik van 'viviendo juntos' als Onderwerp

Fout:El viviendo juntos es difícil.

Correctie: La convivencia es difícil. (Gebruik in het Spaans het zelfstandig naamwoord 'convivencia' om het concept van samenleven te beschrijven, in plaats van een letterlijke werkwoordelijke uitdrukking.)

Werkwoord of zelfstandig naamwoord?

De meest gemaakte fout is het door elkaar halen van 'convivir' (het werkwoord, de actie) en 'convivencia' (het zelfstandig naamwoord, het concept). Denk na of je de handeling wilt benadrukken ('convivir') of de aard van het samenleven ('convivencia').

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.