Hoe zeg je "scheidsrechter" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “scheidsrechter” is “árbitro” — gebruik 'árbitro' specifiek voor de persoon die een sportwedstrijd leidt, zoals bij voetbal of basketbal.
Dutch → Spaans
árbitro
nounA2sport
Gebruik 'árbitro' specifiek voor de persoon die een sportwedstrijd leidt, zoals bij voetbal of basketbal.
Voorbeelden
El árbitro pitó el final del partido.
De scheidsrechter floot voor het einde van de wedstrijd.
juez
hwehs/xweθ/ (Spain) or /xwɛs/ (Americas)
nounB1competitie, beoordeling
Gebruik 'juez' voor een jurylid of beoordelaar in een competitie waar geen sportwedstrijd wordt geleid, zoals bij kunstschaatsen of schoonheidswedstrijden.

Voorbeelden
Los jueces de patinaje le dieron una puntuación perfecta.
De schaatsjuryleden gaven hem een perfecte score.
Faltó un juez y la competencia se retrasó.
Er ontbrak een jurylid en de wedstrijd liep vertraging op.
Het Gebruik van het Meervoud
Om over meer dan één rechter te praten, voegt u gewoon '-ces' toe aan het einde: 'jueces'. De klemtoon blijft op de 'e'.
Árbitro vs. Juez
De meest gemaakte fout is het gebruiken van 'juez' voor sportwedstrijden. Onthoud dat 'árbitro' specifiek de scheidsrechter in sport is, terwijl 'juez' meer algemeen is voor een beoordelaar of jurylid.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.
