Inklingo

Hoe zeg je "schil" in het Spaans

Dutch → Spaans

cáscara

zelfstandig naamwoordA2neutraal
Gebruik 'cáscara' voor de buitenste laag van fruit, zoals bananen, appels of sinaasappels, en voor groenten zoals aardappelen.

Voorbeelden

Me gusta comer la cáscara de la manzana.

Ik eet graag de schil van de appel.

pellejo

peh-YEH-hopeˈʎexo

zelfstandig naamwoordB1informeel
Gebruik 'pellejo' voor de schil van gevogelte (kip, kalkoen) of soms voor de huid van bepaalde dieren, maar niet voor fruit of groenten.
Een close-up van een gerimpelde druif met een gedeeltelijk geschilde schil.

Voorbeelden

Prefiero el pollo sin pellejo.

Ik heb liever kip zonder vel.

No me gusta comer el pellejo del pollo.

Ik eet liever geen kippenvel.

Las uvas tienen un pellejo muy fino.

De druiven hebben een heel dunne schil.

Después de adelgazar mucho, le quedó algo de pellejo.

Na veel gewichtsverlies bleef er wat losse huid over.

Pellejo vs. Piel

Hoewel beide 'huid' betekenen, gebruik je 'piel' voor gezonde, levende mensenhuid. Gebruik 'pellejo' voor huid die loszit, slap is, of op vruchten en dieren.

Gebruik het niet voor complimenten

Fout:Tienes un pellejo muy bonito.

Correctie: Zeg 'Tienes una piel muy bonita.' Iemands huid 'pellejo' noemen suggereert dat deze los, oud of als dierenhuid is.

Cáscara vs. Pellejo

De meest gemaakte fout is het verwarren van 'cáscara' en 'pellejo'. 'Cáscara' wordt gebruikt voor fruit en groenten, terwijl 'pellejo' specifiek voor gevogelte (kip, kalkoen) wordt gebruikt. Gebruik 'pellejo' dus nooit voor een appel of banaan.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.