Hoe zeg je "spreekwoord" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “spreekwoord” is “dicho” — B1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.
Dutch → SpaansB1
NounB1

Voorbeelden
Como dice el dicho, 'más vale tarde que nunca'.
Zoals het gezegde luidt: 'beter laat dan nooit'.
Mi abuela siempre tiene un dicho para cada situación.
Mijn oma heeft altijd wel een gezegde voor elke situatie.
Del dicho al hecho hay mucho trecho.
Er is een groot verschil tussen wat gezegd wordt en wat gedaan wordt. (Een uitdrukking op zich!)
Altijd Mannelijk
Wanneer 'dicho' als zelfstandig naamwoord wordt gebruikt en 'gezegde' betekent, is het altijd mannelijk. Je zegt altijd 'el dicho' of 'un dicho'.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.