Hoe zeg je "supermarkt" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “supermarkt” is “supermercado” — gebruik 'supermercado' voor de algemene, formele term voor een grote zelfbedieningswinkel waar je de meeste dagelijkse boodschappen kunt vinden.
supermercado
soo-per-mer-KAH-dohsu.peɾ.meɾˈka.ðo

Voorbeelden
Necesito ir al supermercado antes de que cierre.
Ik moet naar de supermarkt gaan voordat hij sluit.
Compramos todas las frutas y verduras en el supermercado local.
Wij kopen al het fruit en de groenten bij de plaatselijke supermarkt.
El carrito del supermercado estaba lleno de ofertas.
De winkelwagen van de supermarkt zat vol met aanbiedingen.
Mannelijk Zelfstandig Naamwoord
Aangezien 'supermercado' een mannelijk zelfstandig naamwoord is, moet je de mannelijke lidwoorden 'el' (de) of 'un' (een) ervoor gebruiken, net als in het Nederlands bij woorden als 'de winkel'.
Het verkeerde lidwoord gebruiken
Fout: “La supermercado”
Correctie: El supermercado. Onthoud dat de meeste Spaanse zelfstandige naamwoorden die eindigen op -o mannelijk zijn, net zoals in het Nederlands de meeste woorden die met 'de' gaan mannelijk of vrouwelijk zijn, maar hier geldt de -o regel als een sterke aanwijzing.
súper
Voorbeelden
Necesito ir al súper antes de que cierren.
Ik moet naar de supermarkt voordat ze sluiten.
Supermercado vs. Súper
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.
