Hoe zeg je "vuur" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “vuur” is “fuego” — gebruik 'fuego' voor het element vuur, een brand, of iets dat brandt..
fuego
/fwe-go//ˈfwe.ɣo/

Voorbeelden
Cuidado, el fuego está muy caliente.
Pas op, het vuur is erg heet.
Los bomberos apagaron el fuego del edificio.
De brandweer bluste het vuur in het gebouw.
Para cocinar, necesitamos hacer un fuego.
Om te koken, moeten we een vuur maken.
Altijd Mannelijk
Hoewel het niet eindigt op -o, is 'fuego' een mannelijk woord. Je zegt dus altijd 'el fuego' (het vuur) en 'un fuego' (een vuur). Dit is anders dan in het Nederlands, waar 'het vuur' onzijdig is.
'Fuego' versus 'Calor'
Fout: “El sol da mucho fuego.”
Correctie: El sol da mucho calor. Gebruik 'fuego' voor de daadwerkelijke vlam of brand. Gebruik 'calor' voor de warmte die je voelt van het vuur, de zon, of de temperatuur.
llama
/YA-ma//ˈʝa.ma/

Voorbeelden
La llama de la vela ilumina la habitación.
De vlam van de kaars verlicht de kamer.
Los bomberos lucharon contra las altas llamas.
De brandweerlieden vochten tegen de hoge vlammen.
Ook een Meisje!
Net als het dier is 'llama' dat vlam betekent een vrouwelijk woord. Je gebruikt altijd 'la llama' of 'una llama'.
disparos
dis-PAH-rohs/disˈpaɾos/

Voorbeelden
Oímos tres disparos cerca del parque esta mañana.
We hoorden vanmorgen drie schoten bij het park.
La policía respondió rápidamente a los disparos.
De politie reageerde snel op het geweervuur.
Hubo un intercambio de disparos entre los dos grupos.
Er was een vuurgevecht tussen de twee groepen.
Meervoudsvorm van het Zelfstandig Naamwoord
Dit woord is de meervoudsvorm van het mannelijke zelfstandig naamwoord 'disparo' (één enkel schot). Gebruik het altijd met mannelijke meervoudsartikelen (los, unos).
Verwarring tussen Enkelvoud en Meervoud
Fout: “Hizo un disparos. (Onjuist gebruik van het enkelvoudige lidwoord bij een meervoudig zelfstandig naamwoord.)”
Correctie: Hizo un disparo (Hij loste één schot) of Hizo varios disparos (Hij loste meerdere schoten).
calor
/kah-LOR//kaˈloɾ/

Voorbeelden
Puso mucho calor en su presentación, y todos aplaudieron.
Hij legde veel passie in zijn presentatie, en iedereen applaudisseerde.
Nos recibieron con gran calor humano.
Ze ontvingen ons met grote menselijke warmte/vriendelijkheid.
El calor del debate era palpable.
Het vuur (de intensiteit) van het debat was voelbaar.
Figuurlijk Gebruik
In deze context gaat 'calor' van fysieke temperatuur naar emotionele temperatuur, wat duidt op hoge energie of intensiteit.
Veelvoorkomende verwarring
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.



