Inklingo

Hoe zeg je "arbeiden" in het Spaans

Het Spaanse woord voorarbeidenis trabajarA1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Dutch → SpaansA1
VerbA1
Een jonge vrouw typt actief op een laptop aan een bureau in een lichte kantooromgeving, wat het concept van een baan illustreert.

Voorbeelden

Mi hermana trabaja en un hospital.

Mijn zus werkt in een ziekenhuis.

Necesito trabajar mañana por la mañana.

Ik moet morgenochtend werken.

¿En qué te gustaría trabajar en el futuro?

Wat zou je in de toekomst willen gaan doen?

Praten over waar je werkt

Om te zeggen waar je werkt of in welke sector je zit, gebruik je trabajar en. Bijvoorbeeld: 'Trabajo en un banco' (Ik werk bij een bank) of 'Trabajo en marketing' (Ik werk in marketing). Dit lijkt op het Nederlandse 'werken bij' of 'werken in'.

Praten over voor wie je werkt

Om te zeggen wie je werkgever is, gebruik je trabajar para. Bijvoorbeeld: 'Trabajo para una gran empresa' (Ik werk voor een groot bedrijf).

Werkwoord versus Zelfstandig Naamwoord

Fout:Me gusta mi trabajar.

Correctie: Me gusta mi trabajo. (Ik vind mijn baan leuk). Onthoud dat 'trabajar' de actie is (werken), en 'trabajo' het ding is (de baan).

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.