Hoe zeg je "heeft het" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “heeft het” is “tiene” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Voorbeelden
El niño tiene hambre.
De jongen heeft honger.
Mi abuela siempre tiene frío.
Mijn grootmoeder heeft het altijd koud.
Después del partido, el jugador tiene mucha sed.
Na de wedstrijd heeft de speler veel dorst.
Sensaties Uitdrukken met 'Tener'
Net als bij leeftijd gebruikt het Spaans 'tener' (hebben) + een zelfstandig naamwoord om veelvoorkomende gevoelens te beschrijven. Je 'hebt honger' ('tener hambre') in plaats van 'bent hongerig'.
Gebruik van 'está' voor gevoelens
Fout: “El niño está hambre.”
Correctie: Zeg 'El niño tiene hambre.' Hoewel 'estar' wordt gebruikt voor veel gevoelens (zoals 'está triste'), gebruiken deze specifieke fysieke sensaties 'tener'.
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.