Inklingo

tiene

tyeh-nehˈtjene

heeft

Ook: bezit, bevat
WerkwoordA1irregular er
Een persoon die een felrode appel vasthoudt, wat het concept van bezitten of hebben vertegenwoordigt.
infinitivetener
gerundteniendo
past Participletenido

📝 In Actie

Él tiene un perro negro.

A1

Hij heeft een zwarte hond.

La casa tiene un jardín grande.

A1

Het huis heeft een grote tuin.

Usted tiene una llamada importante.

A2

U (formeel) heeft een belangrijk telefoontje.

Woordverbindingen

Synoniemen

  • poseer (bezitten)
  • contar con (hebben, rekenen op)

Antoniemen

  • carecer de (ontberen)

Veelvoorkomende Collocaties

  • tener razóngelijk hebben
  • tener suertegeluk hebben
  • tener sentidozinvol zijn

is

WerkwoordA1irregular er
Een lachend kind naast een verjaardagstaart met vijf brandende kaarsen, wat illustreert hoe 'tiene' wordt gebruikt om over leeftijd te praten.
infinitivetener
gerundteniendo
past Participletenido

📝 In Actie

Mi hermano tiene veinte años.

A1

Mijn broer is twintig jaar oud.

¿Cuántos años tiene el presidente?

A2

Hoe oud is de president?

Mi gata tiene solo un año.

A1

Mijn kat is nog maar één jaar oud.

Woordverbindingen

Idiomen & Uitdrukkingen

  • tener ... añosjaar oud zijn

heeft het

Ook: voelt
WerkwoordA1irregular er
Een persoon gehuld in een dikke sjaal en wintermuts, rillend met gekruiste armen, wat het gebruik van 'tiene' voor fysieke gevoelens zoals koud hebben weergeeft.
infinitivetener
gerundteniendo
past Participletenido

📝 In Actie

El niño tiene hambre.

A1

De jongen heeft honger.

Mi abuela siempre tiene frío.

A1

Mijn grootmoeder heeft het altijd koud.

Después del partido, el jugador tiene mucha sed.

A2

Na de wedstrijd heeft de speler veel dorst.

Woordverbindingen

Veelvoorkomende Collocaties

  • tener hambrehonger hebben
  • tener seddorst hebben
  • tener frío/calorhet koud/warm hebben
  • tener sueñoslaperig zijn
  • tener miedobang zijn
  • tener prisahaast hebben

moet

Ook: dient te
WerkwoordA2irregular er
Een persoon die naar een lange takenlijst kijkt met een vastberaden uitdrukking, wat het idee van een verplichting of de noodzaak om iets te doen vertegenwoordigt.
infinitivetener
gerundteniendo
past Participletenido

📝 In Actie

Ella tiene que estudiar para el examen.

A2

Zij moet studeren voor het examen.

El doctor tiene que trabajar mañana.

A2

De dokter moet morgen werken.

Usted tiene que firmar aquí.

A2

U (formeel) moet hier tekenen.

Woordverbindingen

Synoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • tener que + [verbo]moeten + [werkwoord]

🔄 Vervoegingen

indicative

present

él/ella/ustedtiene
yotengo
tienes
ellos/ellas/ustedestienen
nosotrostenemos
vosotrostenéis

imperfect

él/ella/ustedtenía
yotenía
tenías
ellos/ellas/ustedestenían
nosotrosteníamos
vosotrosteníais

preterite

él/ella/ustedtuvo
yotuve
tuviste
ellos/ellas/ustedestuvieron
nosotrostuvimos
vosotrostuvisteis

subjunctive

present

él/ella/ustedtenga
yotenga
tengas
ellos/ellas/ustedestengan
nosotrostengamos
vosotrostengáis

imperfect

él/ella/ustedtuviera
yotuviera
tuvieras
ellos/ellas/ustedestuvieran
nosotrostuviéramos
vosotrostuvierais

Vertaal naar het Spaans

Woorden die vertaald worden als "tiene" in het Spaans:

bevatbezitdient teheeftheeft hetismoetvoelt

✏️ Snelle oefening

Snelle Quiz: tiene

Vraag 1 van 3

Welke zin zegt correct 'Zij is 30 jaar oud'?

📚 Meer bronnen

👥 Woordfamilie
🎵 Rijmwoorden
📚 Etymologie

Komt van het Latijnse werkwoord 'tenēre', wat 'vasthouden, bewaren, bezitten' betekende. De kern van iets vasthouden is duizenden jaren hetzelfde gebleven.

Eerste vermelding: Appeared in early forms of Spanish around the 10th century.

Cognaten (Verwante woorden)

Portuguese: temItalian: tieneFrench: tient

💡 Beheers Spaans

Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!

Veelgestelde Vragen

Waarom betekent 'tiene' zowel 'heeft' als 'is'?

Dat is een goede vraag! 'Tiene' komt altijd van 'tener' (hebben). Maar het Spaans gebruikt 'tener' in speciale uitdrukkingen waar het Nederlands 'zijn' zou gebruiken. Zie het zo: in plaats van hongerig *te zijn*, *heb* je honger ('tener hambre'). In plaats van 20 jaar *oud te zijn*, *heb* je 20 jaar ('tener 20 años'). Je moet gewoon deze speciale uitdrukkingen leren.

Wanneer gebruik ik 'tiene' versus 'tienes'?

'Tiene' wordt gebruikt voor één andere persoon ('él' - hij, 'ella' - zij) of voor een formeel 'u' ('usted'). 'Tienes' wordt gebruikt als je direct tegen één persoon praat die je goed kent, zoals een vriend of familielid ('tú' - jij, informeel).

Is 'tener que' hetzelfde als 'moeten' in het Nederlands?

Het komt heel dichtbij! 'Tener que' is de meest gebruikelijke manier om 'moeten' te zeggen en drukt een sterke noodzaak of verplichting uit. Er is nog een werkwoord, 'deber', wat ook 'moeten' of 'behoren' betekent, maar 'tener que' wordt vaak gebruikt voor meer externe verplichtingen, zoals regels of afspraken.