Inklingo

Hoe zeg je "instrueren" in het Spaans

Dutch → Spaans

enseñar

werkwoordA1algemeen
Gebruik 'enseñar' wanneer u het heeft over het overdragen van kennis, vaardigheden of het bijbrengen van iets nieuws, zoals een les geven of iemand iets leren.

Voorbeelden

Mi profesor me va a enseñar a programar.

Mijn leraar gaat mij programmeren leren.

instruir

ins-troo-EARinstɾuˈiɾ

werkwoordC1formeel
Gebruik 'instruir' in formele contexten, specifiek wanneer het gaat om het geven van gedetailleerde aanwijzingen, instructies of het onderzoeken/voorbereiden van een zaak.
Een persoon in een reflecterend vest die een kaart toont en een wandelaar een richting wijst.

Voorbeelden

El manual instruye claramente cómo montar el mueble.

De handleiding instrueert duidelijk hoe je het meubel moet monteren.

El juez debe instruir el caso antes del juicio.

De rechter moet de zaak onderzoeken/voorbereiden voor het proces.

El capitán instruyó a sus soldados sobre la misión.

De kapitein instrueerde zijn soldaten over de missie.

Gebruik van Lijdend Voorwerp

In deze context 'instruir' je de persoon (degene die geïnstrueerd wordt) of de zaak (het dossier dat wordt voorbereid).

Het verschil tussen leren en instrueren

De meest gemaakte fout is het verwarren van 'enseñar' (leren, onderwijzen) met 'instruir' (specifieke, vaak formele, instructies geven). "Enseñar" is breder en omvat het algemene leerproces, terwijl "instruir" meer gericht is op specifieke, gedetailleerde aanwijzingen.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.