Inklingo

Hoe zeg je "verkoop" in het Spaans

Dutch → Spaans

venta

BEHN-tah/ˈben.ta/

zelfstandig naamwoordA1neutraal
Gebruik 'venta' wanneer je het hebt over de transactie zelf, het moment of de actie van het verkopen, of het resultaat daarvan.
Twee handen wisselen items uit: één hand geeft een gouden munt terwijl de andere hand een klein, verpakt pakketje aanneemt, wat een enkele transactie symboliseert.

Voorbeelden

La venta de la casa fue un éxito.

De verkoop van het huis was een succes.

La venta de mi coche fue muy rápida.

De verkoop van mijn auto ging erg snel.

Necesitamos aumentar la venta de productos orgánicos.

We moeten de verkoop van biologische producten verhogen.

Esta tienda está prohibida la venta de alcohol a menores.

Deze winkel verbiedt de verkoop van alcohol aan minderjarigen.

Geslacht Herinnering

Hoewel 'venta' eindigt op 'a', wat vaak vrouwelijk signaleert, moet je onthouden dat het altijd met vrouwelijke lidwoorden en bijvoeglijke naamwoorden wordt gebruikt (bv. 'una venta', 'la venta'). Dit is vergelijkbaar met het Nederlandse lidwoord 'de' voor veel zelfstandige naamwoorden.

Verwarring tussen 'Venta' en 'Tienda'

Fout:Voy a la venta para comprar pan. (Ik ga naar de verkoop om brood te kopen.)

Correctie: Voy a la tienda para comprar pan. ('Venta' is de handeling van het verkopen; 'tienda' is de plaats.) Dit is een veelgemaakte fout voor Nederlandstaligen die 'verkoop' te letterlijk vertalen als de locatie.

venda

/BEN-dah//ˈbenda/

werkwoordB1neutraal
Gebruik 'venda' als het vervoegde werkwoord van 'vender' (verkopen), specifiek in de aanvoegende wijs (subjunctief) of gebiedende wijs (imperatief) voor 'hij/zij/het verkoopt' of 'verkoop!'.
Een koopman geeft een vers brood aan een klant in ruil voor een gouden munt.

Voorbeelden

Espero que él venda su coche pronto.

Ik hoop dat hij zijn auto snel verkoopt.

Señor, venda estas acciones ahora.

Meneer, verkoop deze aandelen nu.

De 'Venda' Vorm

Dit specifieke woord is de 'wensen en mogelijkheden' vorm (aanvoegende wijs/subjuntivo) voor 'ik' of 'hij/zij', en ook het beleefde bevel voor 'u' (usted).

Venda vs. Vende

Fout:Zeggen 'Espero que él vende'.

Correctie: Zeg 'Espero que él venda'. Gebruik de 'a'-uitgang bij het uiten van een wens voor werkwoorden die eindigen op '-er' (zoals 'vender').

Venta vs. Venda: transactie of actie?

De meest gemaakte fout is het verwarren van 'venta' (de verkoop als transactie) met het werkwoord 'venda' (hij/zij verkoopt). Onthoud dat 'venta' een zelfstandig naamwoord is dat staat voor de gebeurtenis, terwijl 'venda' een werkwoordsvorm is die een actie uitdrukt.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.