Hoe zeg je "vogels" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “vogels” is “pájaros” — gebruik 'pájaros' als een algemene, alledaagse term voor de meeste kleine tot middelgrote vogels die je in je omgeving ziet of hoort.
Dutch → Spaans
pájaros
zelfstandig naamwoordA1algemeen
Gebruik 'pájaros' als een algemene, alledaagse term voor de meeste kleine tot middelgrote vogels die je in je omgeving ziet of hoort.
Voorbeelden
Por la mañana, siempre escucho a los pájaros cantar.
In de ochtend hoor ik altijd de vogels zingen.
zelfstandig naamwoordA1formeel/wetenschappelijk
Gebruik 'aves' in een meer formele of wetenschappelijke context, of wanneer je specifiek verwijst naar de biologische klasse van gevederde dieren, inclusief grote vogels zoals roofvogels of struisvogels.
Voorbeelden
Las aves migratorias vuelan hacia el sur en invierno.
Trekvogels vliegen in de winter naar het zuiden.
Aves vs. Pájaros
De meest gemaakte fout is het te pas en te onpas gebruiken van 'aves' voor alledaagse vogels. Tenzij je het hebt over de biologische klasse of een formele context, is 'pájaros' meestal de correcte en natuurlijkere keuze voor de meeste kleine zangvogels.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.