Inklingo

acudir

ah-koo-DEERa.kuˈðiɾ

acudir betekent gaan naar in het Spaans. Het heeft 2 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:

gaan naar, bijwonen

Ook: opdagen
WerkwoordB1regular ir
Een persoon die aankomt op een feestelijk verjaardagsfeest met een ingepakt cadeau in de hand.
gerundacudiendo
past Participleacudido
infinitiveacudir

📝 In Actie

Debes acudir a la cita médica a las diez.

A2

Je moet om tien uur naar de medische afspraak gaan.

Mucha gente acudió al festival este año.

B1

Veel mensen woonden dit jaar het festival bij.

Los bomberos acudieron rápidamente al incendio.

B1

De brandweerlieden snelden snel naar de brand.

Woordverbindingen

Synoniemen

  • asistir (bijwonen)
  • ir (gaan)
  • presentarse (opdagen)

Antoniemen

  • faltar (afwezig zijn/missen)
  • ausentarse (weggaan/afwezig zijn)

Veelvoorkomende Collocaties

  • acudir a una citanaar een afspraak gaan
  • acudir en ayudate hulp schieten/helpen

zich wenden tot, toevlucht nemen tot

WerkwoordB2regular ir
Een klein kind dat zijn hand uitsteekt om de hand van een volwassene vast te houden voor begeleiding en steun.

📝 In Actie

Tuve que acudir a un experto para arreglar el ordenador.

B2

Ik moest me tot een expert wenden om de computer te repareren.

No quiso acudir a la violencia.

B2

Hij wilde geen toevlucht nemen tot geweld.

Woordverbindingen

Synoniemen

🔄 Vervoegingen

subjunctive

imperfect

ellos/ellas/ustedesacudieran
yoacudiera
acudieras
vosotrosacudierais
nosotrosacudiéramos
él/ella/ustedacudiera

present

ellos/ellas/ustedesacudan
yoacuda
acudas
vosotrosacudáis
nosotrosacudamos
él/ella/ustedacuda

indicative

preterite

ellos/ellas/ustedesacudieron
yoacudí
acudiste
vosotrosacudisteis
nosotrosacudimos
él/ella/ustedacudió

imperfect

ellos/ellas/ustedesacudían
yoacudía
acudías
vosotrosacudíais
nosotrosacudíamos
él/ella/ustedacudía

present

ellos/ellas/ustedesacuden
yoacudo
acudes
vosotrosacudís
nosotrosacudimos
él/ella/ustedacude

Vertaal naar het Spaans

Woorden die vertaald worden als "acudir" in het Spaans:

bijwonengaan naaropdagen

✏️ Snelle oefening

Snelle Quiz: acudir

Vraag 1 van 1

Als je kiespijn hebt en besluit naar een tandarts te gaan, welke zin is dan het meest natuurlijk?

📚 Meer bronnen

👥 Woordfamilie
acudimiento(de daad van komen/aanwezig zijn)Zelfstandig naamwoord
🎵 Rijmwoorden
📚 Etymologie

Van het Latijnse woord 'accudere', wat oorspronkelijk 'slaan of smeden' betekende, maar later in het Spaans evolueerde naar 'naderen' of 'aankomen' op een plaats waar men nodig is.

Eerste vermelding: 13th century

Cognaten (Verwante woorden)

Portuguese: acudir

💡 Beheers Spaans

Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!

Veelgestelde Vragen

Is 'acudir' hetzelfde als 'ir'?

'Ir' betekent simpelweg 'gaan'. 'Acudir' is specifieker—het impliceert gaan omdat je een afspraak, een plicht hebt, of omdat iemand je geroepen heeft.

Kan ik 'acudir' gebruiken voor gedachten?

Ja! In meer gevorderd Spaans kun je zeggen 'ideas acuden a mi mente' om aan te geven dat ideeën in je hoofd 'opkomen' of 'binnenstromen'.