Inklingo

concurrir

kon-koo-reerkonkuˈrir

concurrir betekent bijwonen in het Spaans. Het heeft 2 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:

bijwonen

Ook: samengaan, bijeenkomen
WerkwoordB2regular irformal
Een groep blije mensen die samenkomen op een tuinfeest.
gerundconcurriendo
past Participleconcurrido
infinitiveconcurrir

📝 In Actie

Mucha gente concurrió a la plaza para ver el concierto.

B1

Veel mensen kwamen samen op het plein om het concert te zien.

Es obligatorio concurrir a la oficina para firmar el contrato.

B2

Het is verplicht om naar kantoor te komen om het contract te ondertekenen.

Miles de fieles concurren cada año al santuario.

C1

Duizenden gelovigen komen elk jaar samen in het heiligdom.

Woordverbindingen

Synoniemen

Antoniemen

Veelvoorkomende Collocaties

  • concurrir a una citaeen afspraak bijwonen
  • concurrir a las urnasnaar de stembus gaan (stemmen)

samenvallen

Ook: combineren
WerkwoordC1regular irformal
Twee verschillende gekleurde ballonnen die op hetzelfde moment de lucht in zweven.
gerundconcurriendo
past Participleconcurrido
infinitiveconcurrir

📝 In Actie

En este paciente concurren varios síntomas extraños.

C1

Verschillende vreemde symptomen vallen samen bij deze patiënt.

Concurrieron diversas circunstancias que facilitaron el éxito.

C2

Diverse omstandigheden combineerden om het succes te faciliteren.

Es difícil que concurran tantos talentos en una sola persona.

C1

Het is moeilijk voor zoveel talenten om samen te komen in één persoon.

Woordverbindingen

Synoniemen

  • coincidir (samenvallen)
  • converger (convergeren)

Antoniemen

  • divergir (divergeren)
  • discrepar (verschillen/oneens zijn)

Veelvoorkomende Collocaties

  • concurrir en el tiempotegelijkertijd gebeuren
  • factores que concurrenbijdragende factoren

Subjunctive

Imperfect Subjunctive

yoconcurriera
concurrieras
él/ella/ustedconcurriera
nosotrosconcurriéramos
vosotrosconcurrierais
ellos/ellas/ustedesconcurrieran

Present Subjunctive

yoconcurra
concurras
él/ella/ustedconcurra
nosotrosconcurramos
vosotrosconcurráis
ellos/ellas/ustedesconcurran

Indicative

Preterite

yoconcurrí
concurriste
él/ella/ustedconcurrió
nosotrosconcurrimos
vosotrosconcurristeis
ellos/ellas/ustedesconcurrieron

Imperfect

yoconcurría
concurrías
él/ella/ustedconcurría
nosotrosconcurríamos
vosotrosconcurríais
ellos/ellas/ustedesconcurrían

Present

yoconcurro
concurres
él/ella/ustedconcurre
nosotrosconcurrimos
vosotrosconcurrís
ellos/ellas/ustedesconcurren

Vertaal naar het Spaans

Woorden die vertaald worden als "concurrir" in het Spaans:

bijeenkomenbijwonencombinerensamengaansamenvallen

✏️ Snelle oefening

Snelle Quiz: concurrir

Vraag 1 van 3

¿Cuál es el significado de 'concurrir' en la frase: 'Mucha gente concurrió a la fiesta'?

📚 Meer bronnen

👥 Woordfamilie
concurrencia(publiek/aanwezigheid/concurrentie)Zelfstandig naamwoord
concurrido(drukbezocht/levendig)Bijvoeglijk naamwoord
concurrente(aanwezige/gelijktijdige)Bijvoeglijk naamwoord
🎵 Rijmwoorden
📚 Etymologie

Van het Latijnse 'concurrere', dat is opgebouwd uit 'con-' (samen) en 'currere' (rennen). Het betekent letterlijk 'samenrennen'.

Eerste vermelding: 13th century

Cognaten (Verwante woorden)

English: concurFrench: concourir

💡 Beheers Spaans

Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!

Veelgestelde Vragen

Is 'concurrir' hetzelfde als 'asistir'?

Meestal wel! Echter, 'asistir' is het standaardwoord voor 'bijwonen'. 'Concurrir' is formeler en benadrukt vaak een grote groep mensen die samenkomen.

Kan 'concurrir' 'akkoord gaan' betekenen, zoals in het Engels?

Technisch gezien ja, als ideeën 'samenvallen', maar in 99% van de gevallen gebruiken Spaanstaligen 'estar de acuerdo' om overeenstemming uit te drukken. In het Nederlands gebruiken we hiervoor 'akkoord gaan' of 'het eens zijn'.

Is 'concurrir' een regelmatig werkwoord?

Ja, het volgt het standaardpatroon voor werkwoorden die eindigen op '-ir' in alle tijden.