juega
HWEH-gah
/ˈxwe.ɣa/
Juega (speelt): Toont iemand die actief bezig is met een spel of sport.
juega(Werkwoord)
speelt
?Hij/Zij speelt, U speelt (formeel)
,speel
?Gebiedende wijs: Speel! (informeel)
is aan het spelen
?present continuous action
📝 In Actie
Mi hija juega al fútbol en el parque.
A1Mijn dochter speelt voetbal in het park.
Usted juega muy bien a las cartas.
A2U speelt heel goed kaart.
¡Juega la pelota rápido!
A2Speel de bal snel! (Informeel bevel aan een vriend)
💡 Grammaticapunten
Stamwisseling (u → ue)
Jugar is speciaal! De 'u' in het midden verandert in 'ue' in de meeste tegenwoordige tijd vormen (juego, juegas, juega), maar NIET voor 'nosotros' of 'vosotros' (jugamos, jugáis).
Gebruik van 'Juega' voor bevelen
'¡Juega!' is de eenvoudige, informele manier om één vriend te zeggen dat hij moet spelen of actie moet ondernemen (tú-vorm). Voor formele bevelen moet je '¡Juegue!' gebruiken.
❌ Veelgemaakte Fouten
Voorzetsel bij sporten
Fout: “Él juega el fútbol.”
Correctie: Él juega al fútbol. (Gebruik 'a + el' wat samentrekt tot 'al' als je het over een specifieke sport of spel hebt.)

Juega (gokt): Toont de actie van het spelen van een kansspel.
juega(Werkwoord)
gokt
?Hij/Zij gokt
,zet in
?Hij/Zij plaatst een inzet
speculeert
?investing
📝 In Actie
Mi tío juega a la lotería cada semana.
B1Mijn oom zet elke week in op de loterij.
Ella juega con el dinero de la empresa.
B2Zij gokt/neemt risico's met het geld van het bedrijf.

Juega (speelt een rol): Illustreert het concept van het aannemen van een specifieke verantwoordelijkheid of deelname.
juega(Werkwoord)
speelt een rol
?Hij/Zij is betrokken
,is een factor
?Het beïnvloedt iets
📝 In Actie
La experiencia juega un papel importante en su decisión.
B2Ervaring speelt een belangrijke rol in zijn beslissing.
El clima juega en contra de los agricultores.
C1Het weer werkt tegen de boeren.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: juega
Vraag 1 van 2
Welke zin gebruikt 'juega' als informeel bevel?
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
📚 Meer bronnen
Veelgestelde Vragen
Waarom heeft 'juega' een 'ue' maar 'jugamos' niet?
Jugar is een 'bootwerkwoord' of stamwisselend werkwoord. De klinker 'u' verandert in 'ue' wanneer de klemtoon erop valt. In 'jugamos' en 'jugáis' (wij/jullie meervoud) ligt de klemtoon op het '-ga-' gedeelte, dus de stam blijft regelmatig.
Wanneer zeg ik 'juega al' versus alleen 'juega'?
Gebruik 'juega al' (a + el) wanneer het lijdend voorwerp een specifieke sport of spel is, zoals 'fútbol' of 'tenis'. Gebruik alleen 'juega' wanneer het lijdend voorwerp een speeltje of persoon is, zoals 'juega con el perro' (speelt met de hond).