riqueza
“riqueza” betekent “rijkdom” in het Spaans. Het heeft 2 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:
rijkdom, fortuin
Ook: vermogen
📝 In Actie
La familia construyó su riqueza a través de la inversión inmobiliaria.
B1De familie bouwde hun rijkdom op door middel van vastgoedbeleggingen.
No todo es la riqueza material; la felicidad es más importante.
B1Het gaat niet alleen om materiële rijkdom; geluk is belangrijker.
El país tiene una gran riqueza en recursos naturales.
A2Het land heeft een grote rijkdom aan natuurlijke hulpbronnen.
rijkdom, overvloed
Ook: diversiteit
📝 In Actie
La riqueza cultural de México es impresionante.
B2De culturele rijkdom van Mexico is indrukwekkend.
Me encanta la riqueza de sabor de este café colombiano.
C1Ik hou van de rijkdom aan smaak in deze Colombiaanse koffie.
El bosque tropical es conocido por su riqueza biológica.
B2Het tropische woud staat bekend om zijn biologische overvloed (diversiteit).
Vertaal naar het Spaans
Woorden die vertaald worden als "riqueza" in het Spaans:
diversiteit→fortuin→overvloed→rijkdom→vermogen→✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: riqueza
Vraag 1 van 2
Welke zin gebruikt 'riqueza' om 'overvloed aan kwaliteit' aan te duiden in plaats van 'geld'?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Komt van het Oud-Spaanse woord 'rico' (rijk), dat zelf Germaanse wortels heeft, waarschijnlijk gerelateerd aan woorden die 'heerser' of 'machtig' betekenen. Het beschrijft de staat van macht en bezittingen sinds de Middeleeuwen.
Eerste vermelding: Around the 11th or 12th century
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wordt 'riqueza' alleen voor geld gebruikt?
Nee. Hoewel de hoofd betekenis financiële rijkdom is, wordt het heel vaak gebruikt om te praten over de diepte, kwaliteit of overvloed van niet-materiële zaken zoals cultuur, woordenschat, biodiversiteit of smaak.
Hoe zeg je 'rijke persoon'?
Je gebruikt het bijvoeglijk naamwoord 'rico/a' als zelfstandig naamwoord: 'un rico' (een rijke man) of 'una rica' (een rijke vrouw).

