son
“son” betekent “zijn” in het Spaans. Het heeft 2 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:
zijn

📝 In Actie
Ellos son mis hermanos.
A1Zij zijn mijn broers.
Las sillas son de madera.
A1De stoelen zijn van hout.
Ustedes son de México, ¿verdad?
A2Jullie zijn uit Mexico, toch?
Son las cinco de la tarde.
A1Het is vijf uur 's middags.
klank
Ook: melodie
📝 In Actie
Bailaron al son de la música.
B1Zij dansten op de klank van de muziek.
Me gusta el dulce son de tu voz.
B2Ik hou van de zoete klank van je stem.
El poeta escribió sobre el son del mar.
C1De dichter schreef over het geluid van de zee.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: son
Vraag 1 van 2
Welke zin gebruikt 'son' correct?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Het woord 'son' heeft twee verschillende oorsprongen. Als werkwoord komt het van het Latijnse 'sunt', wat 'zij zijn' betekent. Als zelfstandig naamwoord komt het van het Latijnse 'sonus', wat 'klank' betekent.
Eerste vermelding: Both forms have existed since the early stages of the Spanish language, around the 10th-12th centuries.
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wat is het verschil tussen 'son' en 'están'?
Beide betekenen 'zij zijn', maar je gebruikt ze in verschillende situaties. Gebruik 'son' (van 'ser') voor meer permanente zaken zoals identiteit, beroep of eigenschappen ('Ellos son altos' - Zij zijn lang). Gebruik 'están' (van 'estar') voor tijdelijke toestanden en locaties ('Ellos están cansados' - Zij zijn moe; 'Ellos están en casa' - Zij zijn thuis).
Gaat 'son' altijd over meerdere personen?
Ja, wanneer het een werkwoord is, verwijst 'son' naar 'zij' of 'u/jullie'. Onthoud echter dat het ook een zelfstandig naamwoord kan zijn dat 'klank' of 'melodie' betekent, in welk geval het een enkelvoudig ding is, 'el son'.

