Hoe zeg je "data" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “data” is “datos” — gebruik 'datos' als je het hebt over digitale of wetenschappelijke informatie, zoals mobiele data of verzamelde gegevens..
datos
DAH-tohs/ˈdatos/

Voorbeelden
Se me acabaron los datos del móvil este mes.
Ik heb deze maand geen mobiele data meer.
Nuestros datos personales están protegidos por la ley.
Onze persoonlijke gegevens/data zijn wettelijk beschermd.
La base de datos del servidor colapsó anoche.
De serverdatabase is gisteravond gecrasht.
Gebruik van Meervoudige Bijvoeglijke Naamwoorden
Aangezien 'datos' mannelijk en meervoud is, moet elk bijvoeglijk naamwoord dat het beschrijft ook mannelijk en meervoud zijn: 'los datos importantes' (de belangrijke data), 'los datos actualizados' (de bijgewerkte data).
fechas
/FEH-chahs//ˈfetʃas/

Voorbeelden
¿Cuáles son las fechas de tus vacaciones?
Wat zijn de data van uw vakantie?
Las fechas de los exámenes ya están publicadas.
De examenroosters zijn al gepubliceerd.
En estas fechas, siempre hace mucho frío.
Rond deze tijd van het jaar is het altijd erg koud.
Meervoud maken van 'fecha'
Om over meer dan één datum te praten, voegen we simpelweg een 's' toe aan het einde van het enkelvoudige woord 'fecha', net als in het Nederlands bij veel zelfstandige naamwoorden.
Kalender volgorde
In Spaanssprekende landen worden data geschreven als Dag/Maand/Jaar. Houd dit in gedachten bij het lezen van numerieke data! Dit is anders dan de Nederlandse D-M-J volgorde, maar vergelijkbaar met hoe men het in het Engels soms ziet (M-D-Y).
Niet gebruiken voor romantische afspraakjes
Fout: “Tengo una fecha con mi novia.”
Correctie: Tengo una cita con mi novia.
Verwarring tussen 'datos' en 'fechas'
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.

