Hoe zeg je "ei" in het Spaans
Het Spaanse woord voor “ei” is “huevo” — A1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.
Dutch → SpaansA1
nounA1
voedsel of biologie

Voorbeelden
Quiero un huevo frito con tostadas para el desayuno.
Ik wil een gebakken ei met toast als ontbijt.
La gallina puso un huevo esta mañana.
De hen heeft vanmorgen een ei gelegd.
Mannelijk Zelfstandig Naamwoord
Hoewel 'huevo' een ei is, is het altijd een mannelijk zelfstandig naamwoord. Je moet dus 'el' of 'un' gebruiken (el huevo, un huevo). Dit is anders dan in het Nederlands, waar 'het ei' onzijdig is.
Gebruik van 'Ova'
Fout: “Zeg niet 'una ova' om naar een kippenei te verwijzen.”
Correctie: Gebruik 'huevo' voor het eetbare item. 'Ova' verwijst naar viskuit, wat veel minder gebruikelijk is.
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.