Hoe zeg je "kledingstuk" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “kledingstuk” is “prenda” — gebruik 'prenda' voor een enkel, specifiek kledingstuk, vooral als het gaat om het verzorgen ervan of als het een algemene term is voor een kledingstuk.
prenda
PREN-dahˈpɾenda

Voorbeelden
Lava esta prenda a mano para que no se arruine.
Was dit kledingstuk met de hand, zodat het niet verpest wordt.
La tienda tiene prendas de vestir muy elegantes.
De winkel heeft zeer elegante kledingstukken.
Solo puedes llevar tres prendas al probador.
Je mag maar drie items meenemen naar het pashokje.
Enkel vs. Meervoud
Zie 'ropa' als de hele stapel kleren (zoals 'meubels') en 'prenda' als slechts één enkel item (zoals 'een stoel').
Altijd Vrouwelijk
Zelfs als je het hebt over een 'mannelijk' item zoals een stropdas of een pak, blijft het woord 'prenda' altijd vrouwelijk (la prenda).
Alles 'prenda' noemen
Fout: “Me gusta tu prenda.”
Correctie: Me gusta tu ropa (voor de hele outfit) of Me gusta esa prenda (voor één specifiek item).
traje
TRA-hey'tɾaxe

Voorbeelden
Compré un traje nuevo para la entrevista.
Ik kocht een nieuw pak voor het sollicitatiegesprek.
No olvides tu traje de baño para ir a la piscina.
Vergeet je zwempak niet om naar het zwembad te gaan.
El traje regional de Andalucía es muy colorido.
Het regionale kostuum van Andalusië is erg kleurrijk.
Het is een Mannelijk Zelfstandig Naamwoord
Hoewel kleding voor iedereen kan zijn, is het woord 'traje' altijd mannelijk. Je zegt dus altijd 'el traje' (het pak) of 'un traje bonito' (een mooi pak). Dit is anders dan in het Nederlands, waar 'het pak' onzijdig is.
Prenda vs. Traje
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.

