Hoe zeg je "lesgeven" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “lesgeven” is “enseñar” — gebruik 'enseñar' wanneer je het hebt over het overdragen van kennis, een vak of een specifieke vaardigheid, vergelijkbaar met 'iemand iets leren'.
Gebruik 'enseñar' wanneer je het hebt over het overdragen van kennis, een vak of een specifieke vaardigheid, vergelijkbaar met 'iemand iets leren'.
Meer leren →Gebruik 'docente' als bijvoeglijk naamwoord om te verwijzen naar iets dat te maken heeft met het lesgeven zelf, zoals een functie of een carrière in het onderwijs.
Meer leren →enseñar
Voorbeelden
Mi abuela me enseñó a cocinar paella.
Mijn oma heeft mij geleerd paella te koken.
do-SEN-tedoˈsente

Voorbeelden
Ella tiene una larga trayectoria docente.
Ze heeft een lange onderwijscarrière.
La labor docente es fundamental para el desarrollo del país.
Het werk van lesgeven is fundamenteel voor de ontwikkeling van het land.
El material docente está disponible en línea.
Het lesmateriaal is online beschikbaar.
Plaatsing na het zelfstandig naamwoord
Als bijvoeglijk naamwoord komt 'docente' bijna altijd na het woord waarnaar het verwijst, zoals 'labor docente' (onderwijswerk). Dit is vergelijkbaar met het Nederlands, waar bijvoeglijke naamwoorden ook na het zelfstandig naamwoord kunnen komen, hoewel dit minder gebruikelijk is dan in het Spaans.
Enseñar vs. Docente
De meest gemaakte fout is het gebruiken van 'docente' als werkwoord. 'Docente' is een bijvoeglijk naamwoord dat verwijst naar de *activiteit* of *rol* van lesgeven, terwijl 'enseñar' het *werkwoord* is voor het geven van les of het leren van iets.
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.
