Hoe zeg je "levend" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “levend” is “vivo” — gebruik 'vivo' om aan te geven dat iets nog ademt of functioneert, vaak gebruikt voor dieren of planten die nog in leven zijn..
vivo
/bee-boh//'bibo/

Voorbeelden
El pez que pescamos todavía está vivo.
De vis die we gevangen hebben is nog in leven.
¿Es una flor de plástico o es una planta viva?
Is het een plastic bloem of een levende plant?
Komt overeen met het geslacht van het zelfstandig naamwoord
Net als de meeste beschrijvende woorden in het Spaans, verandert 'vivo' om te passen bij de persoon of het ding dat het beschrijft. Gebruik 'vivo' voor mannelijke dingen ('el pez vivo') en 'viva' voor vrouwelijke dingen ('la planta viva').
Gebruik met 'Estar', niet met 'Ser'
Om te zeggen dat iets in leven is, zult u bijna altijd het werkwoord 'estar' gebruiken (bijv. 'El perro está vivo'). Dit komt doordat in leven zijn een toestand of conditie is, waar 'estar' voor bedoeld is.
viviente
/bee-BYEN-teh//biˈβjente/

Voorbeelden
La selva es un ecosistema viviente lleno de sorpresas.
Het oerwoud is een levend ecosysteem vol verrassingen.
Cada ser viviente tiene un papel en el planeta.
Elk levend wezen heeft een rol op de planeet.
Eén uitgang voor alles
Dit woord verandert niet op basis van geslacht. Je kunt het gebruiken voor zowel mannelijke als vrouwelijke zaken (el gato viviente / la planta viviente).
Viviente versus Vivo
Fout: “Het gebruik van 'viviente' om te zeggen dat iemand momenteel leeft (bijv. 'Mi abuelo está viviente').”
Correctie: Gebruik 'vivo' voor de staat van leven zijn ('Mi abuelo está vivo'). 'Viviente' wordt meestal gebruikt voor algemene beschrijvingen of wetenschappelijke categorieën.
Vivo vs. Viviente
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.

