vivo
“vivo” betekent “ik woon” in het Spaans. Het heeft 5 verschillende betekenissen, afhankelijk van de context:
ik woon
Ook: ik ben aan het wonen
📝 In Actie
Vivo en Madrid con mi familia.
A1Ik woon in Madrid met mijn familie.
Vivo una vida muy tranquila.
A2Ik leef een heel rustig leven.
in leven
Ook: levend
📝 In Actie
El pez que pescamos todavía está vivo.
A2De vis die we gevangen hebben is nog in leven.
¿Es una flor de plástico o es una planta viva?
B1Is het een plastic bloem of een levende plant?
helder
Ook: levendig
📝 In Actie
Pintó la pared de un color amarillo vivo.
B1Ze schilderde de muur een heldergele kleur.
Sus ojos tienen un azul muy vivo.
B2Haar ogen hebben een heel levendig blauw.
levendig
Ook: scherp, slim
📝 In Actie
Es una niña muy viva, siempre está haciendo preguntas.
B1Ze is een heel slim/levendig meisje, ze stelt altijd vragen.
Tienes que ser muy vivo para tener éxito en este negocio.
B2Je moet heel slim zijn om succesvol te zijn in deze zaken.
live

📝 In Actie
El concierto será transmitido en vivo por televisión.
B1Het concert wordt live op televisie uitgezonden.
Prefiero la música en vivo a los discos.
A2Ik heb liever livemuziek dan platen.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
Vertaal naar het Spaans
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: vivo
Vraag 1 van 2
Welke zin gebruikt 'vivo' om 'ik woon' te betekenen?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Komt van het Latijnse woord 'vīvus', wat 'levend' betekent. Deze wortel heeft ons ook veel woorden in het Nederlands opgeleverd, zoals 'vivid' (in het Engels) en 'revive'.
Eerste vermelding: Around the 10th century
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Wat is het verschil tussen 'vivo' en 'vivir'?
'Vivir' is de basisvorm van het werkwoord, wat 'wonen/leven' betekent. 'Vivo' is de vorm die u gebruikt als u wilt zeggen 'ik woon'. Vergelijk het met het verschil tussen 'wonen' (vivir) en 'ik woon' (vivo).
Hoe zeg ik 'livemuziek'?
U zegt 'música en vivo'. De uitdrukking 'en vivo' is hier de sleutel voor alles wat live gebeurt, zoals een concert, een sportwedstrijd of een nieuwsbericht.
Waarom gebruikt 'El gato está vivo' 'está' maar 'El niño es vivo' gebruikt 'es'?
Goede vraag! Dit toont het verschil tussen 'ser' en 'estar'. We gebruiken 'estar' voor tijdelijke toestanden of condities, zoals in leven zijn ('está vivo'). We gebruiken 'ser' voor meer permanente kenmerken of persoonlijkheidstrekken, zoals slim of scherp zijn ('es vivo'). Dit is vergelijkbaar met het verschil tussen 'zijn' in de zin van een toestand en 'zijn' in de zin van een eigenschap in het Nederlands.




