Inklingo

Hoe zeg je "programmeren" in het Spaans

Het meest gebruikte Spaanse woord voorprogrammerenis programacióngebruik dit woord als je het hebt over 'programmeren' als een vakgebied, een studie, of het eindresultaat van het coderen..

Dutch → Spaans

programación

zelfstandig naamwoordB1informatica en coderen
Gebruik dit woord als je het hebt over 'programmeren' als een vakgebied, een studie, of het eindresultaat van het coderen.

Voorbeelden

Estoy tomando un curso de programación en Python.

Ik volg een programmeercursus in Python.

programar

/pro-gra-MAR//pɾoɡɾaˈmaɾ/

werkwoordA2computer code schrijven
Gebruik dit werkwoord als je de handeling van het schrijven van computer code bedoelt, dus het 'programmeren' zelf.
Een persoon die aan een bureau zit met een gloeiend blauw laptopscherm met kleurrijke geometrische blokken die code voorstellen.

Voorbeelden

Ella aprendió a programar en Python el año pasado.

Ze leerde vorig jaar programmeren in Python.

Estamos programando una nueva aplicación para móviles.

We zijn een nieuwe mobiele applicatie aan het coderen.

Es difícil programar sin cometer errores al principio.

Het is in het begin moeilijk om te coderen zonder fouten te maken.

Gebruik van 'en' met talen

Als je praat over welke programmeertaal je gebruikt, gebruik dan altijd 'en' gevolgd door de naam van de taal, zoals 'programar en Java' (programmeren in Java).

Zeg niet 'programar un software'

Fout:Voy a programar un software.

Correctie: Voy a programar software (of 'una aplicación').

Zelfstandig naamwoord vs. Werkwoord

De meest gemaakte fout is het verwarren van 'programación' (het vakgebied/het proces) met 'programar' (de actie). Bedenk of je het hebt over 'het programmeren' (zelfstandig naamwoord) of 'programmeren' (werkwoord).

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.