Inklingo

Hoe zeg je "staf" in het Spaans

Dutch → Spaans

bastón

nounA2general
Gebruik 'bastón' als je het hebt over een stok waar iemand mee loopt ter ondersteuning of als modeaccessoire.

Voorbeelden

Mi abuelo camina con un bastón de madera.

Mijn opa loopt met een houten wandelstok.

personal

/per-so-NAL//peɾso'nal/

nounB1general
Gebruik 'personal' als je verwijst naar het personeel, de medewerkers of het team dat werkzaam is binnen een bedrijf of organisatie.
Een diverse groep van vier lachende mensen met bijpassende blauwe shirts en lanyard, die samen staan en een verenigd personeel of staf vertegenwoordigen.

Voorbeelden

Todo el personal de la tienda es muy amable.

Al het personeel van de winkel is erg vriendelijk.

El departamento de recursos humanos se encarga del personal.

De afdeling personeelszaken is verantwoordelijk voor het personeel.

Se necesita contratar más personal para el proyecto.

We moeten meer personeel aannemen voor het project.

Een Groep is Eén Ding

Hoewel 'el personal' naar een groep mensen verwijst, behandelt het Spaans het als een enkele eenheid. Je gebruikt er dus enkelvoudige werkwoorden bij: 'El personal es...' (Het personeel is...), niet 'El personal son...'

Een Meervoudig Werkwoord Gebruiken

Fout:El personal están en la reunión.

Correctie: El personal está en la reunión. Denk aan 'het personeel' als één groep of 'het'. Je zou zeggen 'het is', niet 'zij zijn'.

Bastón vs. Personal

De meest voorkomende fout is het verwarren van 'bastón' (wandelstok) met 'personal' (personeel). Onthoud dat 'bastón' een fysiek object is, terwijl 'personal' verwijst naar mensen die voor een organisatie werken.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.