personal
per-so-NAL
/peɾso'nal/
De afbeelding toont een afgesloten dagboek, wat iets symboliseert dat privé is en alleen van één persoon is (persoonlijk).
personal(Bijvoeglijk naamwoord)
persoonlijk
?betrekking hebbend op een persoon
privé
?not for public view
,eigen
?belonging to oneself
📝 In Actie
Esta es mi opinión personal.
A2Dit is mijn persoonlijke mening.
Por favor, no toques mis cosas personales.
A2Raak alsjeblieft mijn persoonlijke spullen niet aan.
Necesito un día de asuntos personales para ir al médico.
B1Ik heb een persoonlijke dag nodig om naar de dokter te gaan.
💡 Grammaticapunten
Aansluiting bij het Zelfstandig Naamwoord
Als bijvoeglijk naamwoord verandert 'personal' van vorm om aan te sluiten bij het zelfstandig naamwoord dat het beschrijft. Voor meervoudsvormen voeg je een '-es' toe: asuntos personales (persoonlijke zaken).
❌ Veelgemaakte Fouten
Het Vergeten van het Meervoud
Fout: “Tengo dos problema personal.”
Correctie: Tengo dos problemas personales. Omdat 'problemas' meervoud is, moet het bijvoeglijk naamwoord dat het beschrijft ook meervoud zijn.
⭐ Gebruikstips
Een Makkelijke Vriend
'Personal' is een cognate, of wat wij graag een 'echte vriend' noemen. Het ziet er bijna precies hetzelfde uit als het Nederlandse equivalent en betekent hetzelfde, waardoor het heel gemakkelijk te onthouden en te gebruiken is!

Deze groep werknemers, die bijpassende uniformen dragen, vertegenwoordigt het personal (personeel) van de winkel.
personal(Zelfstandig naamwoord)
personeel
?groep werknemers
,staf
?mensen in dienst van een organisatie
arbeidsmacht
?the employees in a particular industry or area
📝 In Actie
Todo el personal de la tienda es muy amable.
B1Al het personeel van de winkel is erg vriendelijk.
El departamento de recursos humanos se encarga del personal.
B1De afdeling personeelszaken is verantwoordelijk voor het personeel.
Se necesita contratar más personal para el proyecto.
B2We moeten meer personeel aannemen voor het project.
💡 Grammaticapunten
Een Groep is Eén Ding
Hoewel 'el personal' naar een groep mensen verwijst, behandelt het Spaans het als een enkele eenheid. Je gebruikt er dus enkelvoudige werkwoorden bij: 'El personal es...' (Het personeel is...), niet 'El personal son...'
❌ Veelgemaakte Fouten
Een Meervoudig Werkwoord Gebruiken
Fout: “El personal están en la reunión.”
Correctie: El personal está en la reunión. Denk aan 'het personeel' als één groep of 'het'. Je zou zeggen 'het is', niet 'zij zijn'.
⭐ Gebruikstips
'Personal' versus 'Persona'
Pas op dat je ze niet door elkaar haalt! 'El personal' is een groep mensen (personeel). 'Una persona' is slechts één enkel individu.
✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: personal
Vraag 1 van 1
In welke zin wordt 'personal' gebruikt om 'staf' of 'werknemers' aan te duiden?
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
📚 Meer bronnen
Veelgestelde Vragen
Wat is het verschil tussen 'personal' en 'persona'?
'Personal' kan een bijvoeglijk naamwoord zijn dat 'privé' betekent ('mi opinión personal') of een zelfstandig naamwoord voor een groep werknemers ('el personal'). 'Persona' betekent altijd één enkel 'persoon'.
Is 'personal' mannelijk of vrouwelijk?
Dat hangt ervan af! Wanneer het een zelfstandig naamwoord is dat 'personeel' betekent, is het altijd mannelijk: 'el personal'. Wanneer het een bijvoeglijk naamwoord is dat iets beschrijft, verandert het om aan te sluiten bij het geslacht van het zelfstandig naamwoord: 'un problema personal' (mannelijk), 'una decisión personal' (vrouwelijk).