Hoe zeg je "voorbijgaand" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “voorbijgaand” is “pasajero” — gebruik 'pasajero' als bijvoeglijk naamwoord om iets te beschrijven dat tijdelijk is of niet lang duurt, zoals een gevoel of een situatie..
pasajero
/pah-sah-HEH-roh//pasaˈxeɾo/

Voorbeelden
No te preocupes, es solo un dolor pasajero.
Maak je geen zorgen, het is slechts een voorbijgaande pijn.
Fue una moda pasajera de los años noventa.
Het was een tijdelijke mode uit de jaren negentig.
Overeenkomst van het bijvoeglijk naamwoord
Onthoud dat dit woord moet overeenkomen met het zelfstandig naamwoord dat het beschrijft. Als je een 'moda' (mode) beschrijft, gebruik dan 'pasajera'.
pasando
/pa-san-do//paˈsando/

Voorbeelden
¿Qué está pasando aquí?
Wat gebeurt hier?
Estaba pasando por tu calle cuando te vi.
Ik kwam langs jouw straat toen ik je zag.
Lo estamos pasando muy bien en las vacaciones.
We brengen een heel leuke tijd door op vakantie.
De Spaanse '-ing' Vorm
'Pasando' is de '-ing' vorm van het werkwoord 'pasar'. Je gebruikt het bijna altijd direct na een vorm van 'estar' (zijn) om een actie te beschrijven die precies nu gebeurt. Bijvoorbeeld, 'Estoy pasando' betekent 'Ik ben aan het voorbijgaan'.
Niet voor elk bijvoeglijk naamwoord '-ing'
Fout: “Het gebruiken van 'pasando' als een beschrijvend woord, zoals 'un tren pasando' voor 'een voorbijrijdende trein'.”
Correctie: In het Nederlands gebruiken we vaak een voltooid deelwoord als bijvoeglijk naamwoord (een 'rijdende' trein). In het Spaans kan dit meestal niet op deze manier. Je zou 'un tren que pasa' (een trein die voorbijrijdt) moeten zeggen. 'Pasando' is voor acties die bezig zijn, niet voor beschrijvingen.
Pasajero vs. Pasando
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.

