causar
“causar” betekent “veroorzaken” in het Spaans (De reden zijn voor een gebeurtenis of gevoel).
veroorzaken, oproepen
Ook: teweegbrengen, genereren
📝 In Actie
El ruido de la calle me causó un dolor de cabeza.
A2Het straatlawaai veroorzaakte me hoofdpijn.
La nueva ley causó mucha controversia entre la gente.
B1De nieuwe wet riep veel controverse op onder de mensen.
Su discurso causó una gran impresión en los votantes.
B2Zijn toespraak maakte een grote indruk op de kiezers.
🔄 Vervoegingen
indicative
present
imperfect
preterite
subjunctive
present
imperfect
Vertaal naar het Spaans
Woorden die vertaald worden als "causar" in het Spaans:
genereren→oproepen→teweegbrengen→veroorzaken→✏️ Snelle oefening
Snelle Quiz: causar
Vraag 1 van 1
Welke zin gebruikt 'causar' correct?
📚 Meer bronnen
👥 Woordfamilie▼
📚 Etymologie▼
Komt rechtstreeks van het Latijnse werkwoord *causare*, wat 'pleiten' of 'beweren' betekent, uiteindelijk afgeleid van het Latijnse zelfstandig naamwoord *causa*, wat 'reden' of 'motief' betekent.
Eerste vermelding: Medieval Spanish (around the 13th century)
Cognaten (Verwante woorden)
💡 Beheers Spaans
Til je Spaans naar een hoger niveau. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen op jouw niveau met de Inklingo app!
Veelgestelde Vragen
Is 'causar' hetzelfde als 'hacer' (maken/doen)?
Niet helemaal. Hoewel beide 'iets laten gebeuren' kunnen betekenen, richt 'causar' zich specifiek op de *oorsprong* of de *reden* achter een resultaat, vooral abstracte resultaten zoals gevoelens, schade of reacties. 'Hacer' is breder en verwijst vaak naar het fysiek creëren of uitvoeren van een actie.