Inklingo

Hoe zeg je "bevalling" in het Spaans

Dutch → Spaans

parto

PAR-toh/ˈpaɾ.to/

nounB1algemeen
Gebruik 'parto' wanneer je specifiek de gebeurtenis van de geboorte bedoelt, inclusief de medische of fysieke aspecten ervan.
Een blije moeder die een ingebakerde pasgeborene zachtjes op haar borst vasthoudt, wat het moment van de bevalling symboliseert.

Voorbeelden

El parto duró muchas horas, pero fue un parto natural.

De bevalling duurde vele uren, maar het was een natuurlijke bevalling.

La matrona asistió en el parto y todo salió bien.

De verloskundige assisteerde bij de bevalling en alles ging goed.

El médico programó un parto por cesárea para la próxima semana.

De dokter heeft volgende week een geplande keizersnede.

Geslachtsbepaling

Hoewel het verwijst naar een proces dat vaak met vrouwen wordt geassocieerd, is 'parto' altijd een mannelijk zelfstandig naamwoord: gebruik 'el parto'.

Verwarring tussen 'Parto' en 'Nacimiento'

Fout:Het gebruik van 'nacimiento' bij het specifiek beschrijven van het bevallingsproces.

Correctie: 'Parto' verwijst naar de fysieke bevalling of het proces van baren, terwijl 'nacimiento' het moment van de geboorte of het algemene concept van geboren worden is. Gebruik 'parto' voor de medische gebeurtenis zelf.

nacimiento

/nah-see-MYEN-toh//nasiˈmjento/

nounA1algemeen
Gebruik 'nacimiento' om de geboorte als feit of gebeurtenis in bredere zin aan te duiden, vaak gericht op de datum of het moment van geboren worden.
Een pasgeboren baby, gewikkeld in een zachte witte deken, die voorzichtig door twee grote volwassen handen wordt vastgehouden.

Voorbeelden

La fecha de su nacimiento es el 15 de mayo.

De datum van zijn geboorte is 15 mei.

El nacimiento del bebé fue muy rápido.

De bevalling van de baby ging erg snel.

Celebraron el nacimiento de su primer nieto con una fiesta.

Ze vierden de geboorte van hun eerste kleinkind met een feest.

Altijd Mannelijk

Hoewel het naar de geboorte verwijst, is 'nacimiento' altijd een mannelijk zelfstandig naamwoord. Onthoud dat je 'el' of 'un' ervoor gebruikt.

Verwarring tussen Nacer en Nacimiento

Fout:Usar 'Su nacer fue difícil.'

Correctie: Zeg 'Su nacimiento fue difícil.' ('Nacer' is het werkwoord 'geboren worden'; 'nacimiento' is het zelfstandig naamwoord 'de geboorte').

Parto vs. Nacimiento

De meest voorkomende fout is het verwarren van 'parto' en 'nacimiento'. Onthoud dat 'parto' de actieve gebeurtenis van de bevalling beschrijft, terwijl 'nacimiento' meer verwijst naar het feit dat iemand geboren is of de geboortedatum.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.