Hoe zeg je "imaginaire" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “imaginaire” is “ficticio” — gebruik dit woord als het Nederlandse 'imaginaire' verwijst naar iets dat niet echt bestaat maar verzonnen is, zoals een personage of verhaal.
ficticio
feek-TEE-syohfikˈtisjo

Voorbeelden
Sherlock Holmes es un personaje ficticio.
Sherlock Holmes is een fictief personage.
La historia ocurre en un mundo ficticio.
Het verhaal speelt zich af in een fictieve wereld.
Usó un nombre ficticio para entrar al club.
Hij gebruikte een fictieve naam om de club binnen te komen.
Verbuiging van het bijvoeglijk naamwoord
Dit woord moet zijn uitgang aanpassen om te overeenkomen met het persoon of ding dat het beschrijft. Gebruik 'ficticio' voor mannelijke zelfstandige naamwoorden en 'ficticia' voor vrouwelijke zelfstandige naamwoorden. Voor meervoud, gebruik 'ficticios' of 'ficticias'.
Woordvolgorde
In het Spaans plaats je 'ficticio' bijna altijd na het zelfstandig naamwoord dat je beschrijft, zoals 'un mundo ficticio' (een fictieve wereld).
Verwarring tussen 'Ficticio' en 'Falso'
Fout: “Gebruik van 'ficticio' voor een gebroken belofte of een leugen.”
Correctie: Gebruik 'ficticio' voor dingen die door de verbeelding zijn gecreëerd (boeken) of identiteiten (nepnamen). Gebruik 'falso' voor dingen die simpelweg niet waar zijn of misleidend zijn.
inexistente
ee-nehk-sees-TEHN-tehineksisˈtente

Voorbeelden
Los unicornios son animales inexistentes.
Eenhoorns zijn onbestaande dieren.
El servicio al cliente en esa tienda es casi inexistente.
De klantenservice in die winkel is bijna onbestaand.
El juez desestimó el caso por pruebas inexistentes.
De rechter verwierp de zaak wegens onbestaand bewijs.
Eén vorm voor alles
Dit woord eindigt op -e, wat betekent dat het precies hetzelfde blijft, ongeacht of je een mannelijk of vrouwelijk persoon of ding beschrijft. Dit is vergelijkbaar met Nederlandse bijvoeglijke naamwoorden die niet verbogen worden, zoals 'leuk'.
Plaatsing is cruciaal
Net als de meeste bijvoeglijke naamwoorden in het Spaans, komt 'inexistente' meestal na het zelfstandig naamwoord waarnaar het verwijst. Dit is anders dan in het Nederlands, waar bijvoeglijke naamwoorden meestal vóór het zelfstandig naamwoord staan (bv. 'een onbestaand bewijs').
De 'vrouwelijke' valkuil
Fout: “La prueba es inexistenta.”
Correctie: La prueba es inexistente.
irreal
ee-rray-ahli.reˈal

Voorbeelden
El paisaje de ese planeta era totalmente irreal.
Het landschap van die planeet was totaal onwerkelijk.
A veces tengo sueños que parecen muy reales, pero son irreales.
Soms heb ik dromen die heel echt lijken, maar ze zijn onwerkelijk.
Vivimos en un mundo irreal creado por las redes sociales.
We leven in een onwerkelijke wereld gecreëerd door sociale media.
Eén vorm voor iedereen
Dit woord verandert niet, ongeacht of het ding dat je beschrijft mannelijk of vrouwelijk is. Het eindigt altijd op 'l'.
Meervoud maken
Om over meer dan één ding te praten, voeg je simpelweg 'es' toe aan het einde om het 'irreales' te maken.
Het 'i' versus 'un' voorvoegsel
Fout: “Het gebruiken van 'unreal' of 'anreal' in het Spaans.”
Correctie: Gebruik altijd 'irreal'. In het Spaans gebruiken we vaak 'ir-' voor woorden die beginnen met 'r' om 'niet' te betekenen.
Ficticio vs. Inexistente
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.


