Inklingo

Hoe zeg je "optuigen" in het Spaans

Het Spaanse woord vooroptuigenis vestirA1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Dutch → SpaansA1

vestir

VerbA1
Een moeder trekt zachtjes een felrood shirt over het hoofd van haar lachende jonge kind.

Voorbeelden

La niñera tiene que vestir a los gemelos antes de las ocho.

De oppas moet de tweeling voor acht uur aankleden.

Mi abuela me vistió para mi primera comunión.

Mijn grootmoeder kleedde mij aan voor mijn eerste communie.

Klinkerwisseling in de stam (e > i)

In veel vervoegingen verandert de 'e' in het midden van de werkwoordstam in een 'i'. Bijvoorbeeld: 'yo visto' (ik kleed aan), niet 'yo vesto'. Dit gebeurt telkens als de klemtoon op de stam valt.

De 'Nosotros/Vosotros' Uitzondering

De 'e > i' verandering wordt overgeslagen voor de 'wij' (nosotros) en de informele 'jullie' (vosotros) vormen in de tegenwoordige tijd. We zeggen 'vestimos', niet 'vistimos'.

Verwarring tussen 'Vestir' en 'Llevar'

Fout:Het gebruik van 'vestir' als je 'dragen' bedoelt (bijv. *Yo visto una camisa*).

Correctie: Gebruik 'llevar' of 'ponerse' voor het dragen van kledingstukken: 'Yo llevo una camisa' (Ik draag een hemd). Gebruik 'vestir' voor de handeling van iemand aankleden of het beschrijven van een stijl.

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.