Hoe zeg je "vader" in het Spaans
Het meest gebruikte Spaanse woord voor “vader” is “padre” — gebruik 'padre' wanneer je verwijst naar je mannelijke ouder, de vader in de meest algemene zin.
padre
PA-drayˈpa.dɾe

Voorbeelden
Mi padre es profesor.
Mijn vader is leraar.
Voy a visitar a mis padres este fin de semana.
Ik ga dit weekend mijn ouders bezoeken.
Él es un buen padre de familia.
Hij is een goede familieman.
El padre dio la misa del domingo.
De priester gaf de zondagsmis.
Het Meervoud Betekent 'Ouders'
De meervoudsvorm 'los padres' betekent meestal 'de ouders' (één vader en één moeder). Om over twee of meer vaders te praten, zeg je ook 'los padres', en de context maakt duidelijk wat er bedoeld wordt.
Verwarring Tussen Enkelvoud en Meervoud
Fout: “Om over je ouders te praten, zou je kunnen zeggen: 'Mi padre están en casa.'”
Correctie: Gebruik altijd de meervoudsvorm: 'Mijn ouders zijn thuis.' Onthoud dat 'padres' ze allebei omvat!
Voorbeelden
Mi papá me enseñó a andar en bicicleta.
Mijn papa leerde me fietsen.
p.
Voorbeelden
Hablamos con el P. Juan después de la misa.
We spraken met Vader Juan na de mis.
padre
Voorbeelden
El padre dio la misa del domingo.
De priester gaf de zondagsmis.
Verwarring tussen 'padre' en 'p.'
Gerelateerde vertalingen
Leer Spaans met Inklingo
Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.
